HomeDe taak der wijsbegeertePagina 35

JPEG (Deze pagina), 856.51 KB

TIFF (Deze pagina), 8.33 MB

PDF (Volledig document), 37.54 MB

l
ii 29 .
Q die omschrijving van hare taak vernomen, voor dien
{ ,,slavendienst” beleefdelijk te bedanken. Dat nu
l brengt ons in het midden van de problemen. Er wordt
onderscheiden tusschen schoon en niet-schoon -wat
is voor die onderscheiding het `criterium? ls dat
in criterium slechts geldig voor een tijd, hoe moeten
wij dan nader komen aan een norm, die blijvend
j kan worden geacht? Heeft het schoone alleen op den
vorm betrekking of ook op den inhoud? Is er tus-
l schen het schoone, het ware en het goede verband?
i . Ziedaar vragen van groot gewicht, en die behooren
_ te worden onderzocht door de wijsbegeerte. Harer is
ï de taak, om er voortdurend aan te herinneren, dat
het wezen van den mensch een is en ondeelbaar, dat
i hetgeen hij moet afkeuren als in strijd met de rede,
hij niet kan goedkeuren uit een oogpunt van schoon- _
i heid; dat wat hem als zedelijk wezen weerzin veroor-
3 zaakt en walging, hem niet oirbaar kan worden ge-
maakt door volkomenheid van vorm, er aan te her-
. inneren, dat de geest ook in den hoogsten vorm,
j ontbreekt de inhoud, geen belang meer vermag te
stellen, dat inhoud zonder kunstvorm bezwaart en
· vermoeit en dat kunstvorm zonder inhoud verveelt.
= l
Trekken wij nu ons betoog samen. De twaalf we- l
tenschappen, gezamenlijk de wijsbegeerte vormend,
zijn te verdeelen in drie groepen, die achtereenvol- j
M gens een theorie trachten te verstrekken omtrent ,
onze kennis, omtrent de wereld en omtrent de normen xy,
of ideeën. Tot welke hoogere eenheid zijn die drie
' nu terug te brengen? Wel bezien lossen alle drie
zich op in een beschouwing van het bestaande. Tot
1
­