HomeHet christendom en de sociale kwestiePagina 33

JPEG (Deze pagina), 868.10 KB

TIFF (Deze pagina), 7.18 MB

PDF (Volledig document), 58.33 MB

Q 19
{ voor eene eenigszins onverschillige zaak en niet voor be-
` paald noodzakelijk. Anders is het bij hen die de organische
__ beschouwing hebben leeren huldigen, er derhalve oog voor
j hebben gekregen dat het hoogere principe niet werkt {
" buiten het lagere om. Zij staan op een verder gevorderd
I standpunt. Erkennende dat liet geestelijk leven in den
‘ mensch mede van zijn toestand in stoffelijk opzicht af-
, hankelijk is, moeten zij duidelijk het groote belang van de
verdeeling van het stoffelijke inzien, al blijven zij ook het
geestelijke leven als het voornaamste beschouwen.
T Ieder dient van het stoffelijke zooveel te ontvangen als voor
de ontwikkeling van dat hoogere leven noodig is. De mensch
heeft er behoefte aan ter wille van de instandhouding
` des lichaams, ontwikkeling van zijn verstand, ontspanning,
bevrediging en ontwikkeling zijner aesthetische behoeften.
’ Met ’s menschen ontwikkeling in al deze opzichten hangt
1 die in zedelijk­godsdienstig opzicht in meerdere of min-
, dere mate samen. Zal de laatste, waar het volgens den
J aanhanger van het Christendom bovenal op aankomt,
plaats hebben zooals het behoort, dan mag de eerste al-
thans niet geheel ontbreken. De vrijzinnige zal dus, ook
wanneer menschen zelf nog geen behoefte aan ontwik-
keling in verschillende opzichten gevoelen, deze toch
bevorderd willen zien zoowel ter voorbereiding als tot
f ondersteuning en bevestiging van de zedelijkgodsdienstige
ontwikkeling, die met de eerste gepaard moet gaan. Om-
· dat voor dit alles het stoffelijke onmisbaar is, moet ieder
fi z. i. ook daarvan ontva.ngen naarmate hij noodig heeft.
H De bekende korte uitdrukking luidt, dat aan ieder ,,een