HomeHet christendom en de sociale kwestiePagina 28

JPEG (Deze pagina), 796.20 KB

TIFF (Deze pagina), 7.11 MB

PDF (Volledig document), 58.33 MB

14 l
nagedacht ook over de juiste verdeeling van het stoffelijk
goed? Regelt het zich in dit opzicht niet van zelf? Wijist F
de natuur hier niet uit zich zelf den weg?
Op dergelijke vraag, wanneer zij mocht worden ge-
daan, behoort het antwoord te luiden, dat volstrekt niet
alles wa.t, als rechtstreeks uit het onbewuste leven voort-
spruitende, ,,natuurlijk" wordt genoemd terstond is zooals
het wezen moet. Wij beoordeelen er de waarde van door
een in ons gemoed aanwezig ideaal a.ls maatstaf aan te
leggen. leder waardeeringsoordeel, zooals wij er een uit-
spreken wanneer wij iets ,,billijk" of ,,onbillijk" noemen,
vloeit nl. voort uit een ideaal dat leeft in den mensch,
vindt in dergelijk ideaal zijn grond. Langzamerhand wordt
door den mensch klaarder erkend wat de ideale toestand
zou zijn, waarna het aan hem is dien in het leven te
roepen. Ook over het rechtmatige der bestaande wijze
van verdeeling mag en moet dus worden nagedacht
VVanneer 1nen vraagt welke verdeeling van het stoffelijk
levensgoed billijk zal zijn, bedoelt men eigenlijk hoe
die verdeeling zal moeten wezen, opdat het onder ons
geldende, door het Christendom gewekte ideaal, waar
boven over gehandeld is, za.l kunnen worden verwezenlijkt. ยท
Blijkbaar kon nu evenwel de vraag naar eene billijke
verdeeling van het stoffelijk goed eerst ia onzen tijd
meer nadrukkelijk aan de orde worden gesteld. 4
Oudtijds, toen men gebrekkig waarnam en leefde in het
denkbeeld dat eene diepe klove bestond tusschen het
geestelijke en het zinnelijke leven, moest die verdeeling
als eene betrekkelijk weinig belangrijke zaak worden be-