HomeDrie stelsels van handelspolitiekPagina 66

JPEG (Deze pagina), 0.97 MB

TIFF (Deze pagina), 7.15 MB

PDF (Volledig document), 71.37 MB

Eg; ; ’ I
? i i
i 64
Die blijvende prijsverhooging is niet alleen schadelijk voor · ii
h de verbruikers, voor de consumptie en dus ook voorde voort-
lj) brenging, doch het kan zijn, dat het in prijs verhoogde ar-
i; tikel de grondstof is voor andere industrieën, in welk geval
lil · de prijsverhooging zeer schadelijk kan werken. I
P Doch ook de verkregen arbeid werpt minder vruchten af,
V het bedrag waarvoor het artikel in het buitenland goedkooper
H te verkrijgen is dan in het binnenland, gaat verloren, de i
arbeid is minder productief dan die welke besteed wordt aan W
de voortbrenging van artikelen, die wel tot concurreerenden .
` prijs kunnen worden gemaakt.
l` De schaduwzijden van de bescherming op de goederenru- i
briek III zijn dus:
le. dat slechts een deel van den gewonnen arbeid als ver-
j meerdering van inkomsten kan beschouwd worden;
2<·; dat de prijs van die artikelen door de bescherming ë `
wordt verhoogd; door welke prijsverhooging andere belangen ‘ i
j worden geschaad.
j Het schadelijkst is die prijsverhooging wanneer ze belang- fi
i rijk is en een artikel betreft dat grondstof is voor een export- l ;
industrie. Eveneens ongunstig is haar invloed op een artikel
als steenkolen, dat als kracht- en lichtbron en voor verwar- . · g
ming dient. Het minst schadelijk is de prijsverhooging bij
l' fabrikaten waarvan de aanschafling niet bepaald noodzake- h` '
lijk is en bij luxeartikelen. i I
j Alvorens wij van deze rubrieken tot de volgende overgaan, ‘"
H zij nog opgemerkt, dat door een matig inkomend recht nooit _
‘ verkregen zal worden, dat alle invoer ophoudt. Over het H,
deel, dat ondanks de rechten wordt ingevoerd, betaalt, voor Z
· zoover zij niet ten laste van den buitenlandschen producent l h
komen, de verbruiker de rechten. Die rechten vloeien in de
staatskas en komen ten bate van de gemeenschap. Dat in- j
voerrechten ten laste van den buitenlandschen producent [ J
I kunnen komen is aan geen twijfel onderhevig. Mr. Pierson W `
i zegt (Leerboek der Staathuishoudkundc 1897, pag. 222, derde ‘
I
E ' jh _