HomeHedendaags mirakelgeloofPagina 60

JPEG (Deze pagina), 1.16 MB

TIFF (Deze pagina), 8.34 MB

PDF (Volledig document), 70.64 MB

sf" ' j '
56
USLAR heeft 800 plekken als "waterhoudend" (sic) aangewezen. Tot
op den 1S Oct. 1908 waren 163 dier plekken ambtelijk onderzocht.
Bij 15 was niet diep genoeg geboord; 31 boringen bleven zonder ·
gevolg, 117 daarentegen hadden het vooruitgezegde gevolg opge-
leverd: dat beteekent, dat bij boring, daar ter plaatse, water op de `
aangegeven diepte gevonden is geworden 1). De tabel, waarin de
gevolgen der boringen vermeld worden, geeft niet op, onder welke
omstandigheden de wichelarij plaats vond (of voorafgaande onder-
zoekingen of boringen ingesteld waren enz.) noch ook, welke hoeveel-
heden water de geboorde putten opleveren. Hierover vernemen wij
iets uit enkele afgedrukte berichten van dankbare partikulieren. _
Q ­ Maar de, meestal vage, aanduidingen hierin vervat, vullen toch, zelfs '
wanneer zij in versmaat zijn opgesteld! het gebrek aan officieele en
; objectieve gegevens niet aan. ‘
` Het is mij niet bekend, of deze gegevens ook betreffende de ove- 0
rige 637 plekken later verschenen zijn of nog zullen verschijnen. Voor
water zoeken hebben de Duitschers nu geen tijd meer. Wij moeten
ons dus wel houden aan de ter beschikking zijnde berichten. Het g
oordeel hierover is niet gemakkelijk. Natuurlijk kan men zich er
{ licht afmaken door te zeggen: een deel van de goede gevolgen is te ' -
verklaren door zaakkundi_ge terreinkennis, de rest door toeval. Deze { .
, opvatting heeft veel vóór. Zij ontlast ons van de moeite verder_te jj
i zoeken, of er soms nog meer achter de zaak zit, en bevredigt die lj_ `
_ breede strook van menschen, die het een vreeselijk onheil zouden
ll vinden, indien iets, dat zij altijd als ,,bijgeloof" of "mystiekerij" heb- j r
ben beschouwd, eens bleek een korrel miskende natuurkennis in te ‘ j `
houden. Of nu echter de hierboven neergeschreven onderstelling: l
terreinkennis (bewust of onbewust) plus toeval, inderdaad de juiste _
f is, durf ik niet te beslissen. De ambtelijke gegevens betreffende VON
E USLARS aanwijzingen, hoezeer in vele opzichten onvolledig, geven a _ j
toch te denken. Het is waar, Zuid-Afrika is ver weg en de zon is er l ‘
warm; misschien is de tabel, die 83 pCt. juiste aanwijzingen aangeeft, E
geheel ,,humbug". Het zou de zaak zéér vereenvoudigen, indien dit kon `
. bewezen worden. Tot zoolang moeten wij ons oordeel opschorten 2).
èï
* ei j
· =s= *
1 1) Het is mij natuurlijk onmogelijk in bijzonderheden te treden. Zoo kan ik ook niet
uiteenzetten, hoe de roedegangers te werk gaan om de diepte waarop hun ,,water-
aderen" zich heeten te bevinden, te bepalen. Men vergelijke de aangehaalde brochures
4 inzonderheid ROTHE.
2) Ik wil hier nog een feit mededeelen, dat, indien de persoon, die het beschrijft,
vertrouwen verdient, wel bijzonder belangwekkend is. Het betreft een bericht van