HomeHedendaags mirakelgeloofPagina 20

JPEG (Deze pagina), 1.13 MB

TIFF (Deze pagina), 8.46 MB

PDF (Volledig document), 70.64 MB

;` ` § ·
( _
[ 16
i · §
. moeten vereischt hebben. Ten slotte werden nog feiten vastgesteld,
waarvan het niet mogelijk was aan te geven, door welk soort truc
zij verricht hadden kunnen worden. Onder deze laatste groep be~
‘ schrijft het verslag uitvoerig langzame, niet rechtlijnige, uitgestrekte
bewegingen, in verschillende richtingen, van voorwerpen, bij vol~
doende verlichting, op afstand van het medium, terwijl dit aan handen
en voeten gebonden door de omstanders scherp gecontroleerd werd.
_ Dus plomp bedrog, naast onverklaarde, zij het misschien niet on~
( verklaarbare feiten. Men ziet, dat wij verre zijn zoowel van de ge~ E
loofszekerheid der spiritisten, als ook van de ongeloofszekerheid der
j anderen!
i Leest men tusschen de regels van het rapport der proeven en van .
j het verslag der discussie over dat rapport, dan krijgt men den indruk, jl
i dat eigenlijk geen der deelnemers aan de proeven de mogelijkheid, .
3 dat er een onbekende ,,krachtj' werkzaam was, geheel ontkent. Maar I
,. . tevens onttrekt geen enkel zich aan den twijfel, niettegenstaande alle
( voorzorgen en controle .... gedupeerd te zijn geworden! 1). é
J OVER EENIGE MEDIANIEKE VERSCHIINSELEN: ä
DE "TELEPLASIEN". _ t,
Een andere orde van medianieke verrichtingen vormen de, wat de _
l spiritisten noemen "materialisaties". Hiermede bedoelen zij het ont-
staan, althans tijdelijk kenbaar worden, en weer verdwijnen, van zicht~
baarheden. Vroeger werd dit alles als rechte verstoffelijking vangeesten
verkondigd. Tegenwoordig wordt het meer opgevat als een werking _
van het medium. Dit zou de zichtbaar wordende verschijningen
vormen uit een soort, uit zijn lichaam stroomende ijle stof, die ge~
1 makshalve gewoonlijk maar als fluïdum aangeduid wordt. A priori
is deze onderstelling; in natuurkundigen zin nauwelijks voor discussie
l vatbaar. Dit doet er echter op zich zelf niet veel toe. Waar men be~
weert, dat het onmogelijk gedachte, in werkelijkheid geschiedt, zul-
len wij ons niet vermoeien met een theoretische discussie, maar liever
” de vermeende feiten zelve bezien. Onder de vele op dit gebied ver~ .
-7*6 1·let oordeel van goochelaars is meermalen over het bedrijf van EUSAPIA inge) ·
roepen. Dat één van hen, na haar aan het werk gezien te hebben, in staat is gewees~ 5
al haar kunststukken na te doen, is mij niet bekend. Wel moeten velen het tegendeel
verklaard hebben.
Bij SCHRENCK NOTZING (v. infra.) vind ik in dit verband aangehaald de verklaring _;
van den goochelaar W. RYBKA (Psychische Studien 1907, bldz. 77) en van den Ame-
ckaanschen prestidigitateur M. HOWARD (Armales der Sc. psychiques 1910, bldz. _
316). Ook CARRINGTON, die in 1910 in opdracht van de Society for psychical Re- jj
search, daarbij door goochelaars bijgestaan, EUSAPIA gedurende enkele maanden in V
Napels bestudeerde, kon geen verklaring voor het geziene geven (Annales des Sc.
psychiques 1910, bldz. 312). ·
1