HomeDe vrouw in Nederlandsch WestindiëPagina 66

JPEG (Deze pagina), 490.80 KB

TIFF (Deze pagina), 5.47 MB

PDF (Volledig document), 40.04 MB

i
al
J
24
iv.
Groententeelt bij Paramaribo. in
(Uit aanteekeniugexi van een bezoek bij de Hollandsche boeren bij ff
Paramaribo in juli 1896.) Il
Eene van de Hollandsche boerinnen in den omtrek `
van Paramaribo, eene van de weinige overgeblevenen
van de kolonisatie aan de Suramacca, zeide omtrent de
groententeelt het volgende: i
Voor de levering van moes- en tuingroenten op
maar eenigszins uitgebreide schaal, is hier hoege-
naamd geen afzet.
De negers en kleurlingen gebruiken weinig of
geen moesgroenten, alleen het taya­wiwiri, dat wat
heeft van spinazie en overal als onkruid groeit. Qp
de markt zouden dus moesgroenten onverkocht
blijven, ook omdat de Europeanen aldaar hunne Q
inkoopen niet doen. Om de groenten langs de huizen
bij de Europeanen rond te venten is niet met succes
uitvoerbaar. De groenten die in Nederland, onver­
kocht zijnde, eenige dagen kunnen worden bewaard, l
moeten hier, wanneer zij eenmaal zijn afgesneden, J
zoo spoedig mogelijk, d. w. z. binnen enkele uren
van de hand worden gezet. Wegens de kosten zou i
aan een groentenbewaarplaats (b. v. een kelder met
ijs koel te houden) niet kunnen worden gedacht. `
j .

E
ll