HomeAtjeh in de Tweede KamerPagina 72

JPEG (Deze pagina), 1.09 MB

TIFF (Deze pagina), 6.52 MB

PDF (Volledig document), 83.49 MB

l ,»,v,, _ _”__ " "l"l`""""l ` ` we ( je e _ e_ -
ll 'L »l.·':>v`vr~` M IIHRVZ dv V "NAVI: ` V.js*>;"::;~è‘{€l{ä·;?:Lttïïïï理"w•:jv?="Tr`Y¢~.i:’A"`=`,(ViAK'Yi‘??'»'>A,­4 W" IMV`. "..·_.~_ . Y` Y·_`°"_t“`i`%`TT>%_K+??';·à`-"K“T‘?i`”$T¥°:T“?,_ë`X~.·~ mm
l la E i " I ~ » l · J ‘
. _ g _ te ,_ , g. . er _, >_; -
tg la ~ . r . - i
t vo i
° I ‘ op dwaze manier werd begonnen, voortgezet en volgehouden. ` `
tt Y Wij herhalen slechts de woorden in vroeger jaren door den g
tt , heer Kuyper geuit: ,,Hcht de natie toch in! In de eerste plaats .
gg I is de zedelijke steun der natie daarbij noodig, en die snijdt gij i
j j af door uw vrees voor de publieke opinie." Eene taak door den i
;l heer Kuyper verloochend willen wij op ons nemen, evenals wij Y
de prediking van het Christendom minder in woorden, dan we _
in daden met meer trouw en meer iecht kunnen behartigen. l)urf '
hij ginds het ,,gii zult uiet doodslaau !" prediken, waar hij hier aan t
t ^ , vuurde tot den ,,heiligen krijg" tegen de Atjehers die alleen me
4 ` de verwoesting van Atjeh eindigen kan ?Durft hij smalend spreken _
; over de oelama’s daarginds, die ook tot den heiligen oorlog aan- _.
, sporen, maar in dien ,,djihad" wagen eigen leven en otferen eigen * ' ‘
geld, terwijl men dezerzijds het bloed laat vloeien van huurlingen
· en betaalt met het geld van den J avaan?
, _ De Conclusie f
I En thans volgt de conclusie van mijn betoog waarom de heer
` Kuyper heeft gevraagd; zij is deze: §
gt Wij- moeten zoo snel mogelijk terug uit Atjeh, waar wij nooit §
een voet hadden moeten zetten. Er is geen enkele geldige reden E
_ te vinden voor het aanvangen, voortzetten en volhouden van dien l
= bloedigen veroveringskrijg, die volslagen doelloos en nutteloos is S
,­ geworden. In plaats van zich neer te leggen bij het ,,tait accompli"
; moeten alle krachten worden ingespannen om dat onrecht te doen l
x ~ eindigen. De oorlog is onnoodig; hij kan zonder eenig gevaar on- i
, middelijk worden gestaakt en beëindigd. Eene commissie zal dit
g nader kunnen toelichten. {
Maar ééne zaak is zeker: wanneer - wat ik ten stelligste ont- g
, ken -- Nederlands eer, Nederlands prestige, Nederlands gezag het `
5 voortzetten van dien oorlog eischen, dan moet Neerlands eer met
f Neerlands geld worden betaald.
l Gaarne zal ik eene dusdanige motie, door den heer Kuyper in-
j gediend, met alle kracht steunen en zulks vooral daar men dan ) uur
kan verzekerd zijn dat de oorlog op Atjeh niet zooveel weken · ,l "
l meer zal duren dan hij nu jaren werd gerekt. Doch door dit feit
i· alleen wordt het vonnis over den Atjeh-oorlog geveld: men zet t
5 hem voort, men legt zich neder bij het gfait accompli’, daar men , { ,
_ zijne dwaze heersçhzucht kan bot vieren ten koste van den armen t
j Javaan. Men deinst blijkbaar terug voor de gevolgen zijner eigen
daden, men deinst terug voor eene commissie, die licht zou brengen
l waar thans duisternis heerscht. [
( De heer Kuyper. .......................... '
i Thans een kort woord van repliek over de tegenspraak, die
i mijn advies in zake de Atjeh politiek heeft ondervonden van de _
F zijde der geachte afgevaardigden, de heeren van der Zwaag, ·’
1 Troelstra en van Kol. ä
j Met den heer van der Zwaag kan het debat kort zijn. Hij heeft ’
; den lof verdiend van consequentie, waar hij zegt: wat hebben wij 2
I