HomeAtjeh in de Tweede KamerPagina 67

JPEG (Deze pagina), 1.13 MB

TIFF (Deze pagina), 6.39 MB

PDF (Volledig document), 83.49 MB

· r , , ... ....­· · ·...v . ..e.=­»­­­». .
tw? ‘‘V II? ‘ ~ I · nl J " ` ‘ I ‘ E I
. . I . G5
I I, " eveneens geschied, en hebben Duitschlaud en Engeland onze eigen- I
‘· machtig gekozen grens geëerbiedigd; niets belet ons om ook op ,’
I Sumatra den ,,kring van belang", dat is de grens van ons gezag,
te regelen. Voor de Engelschen is daarin reeds voorzien door het
j tractaat van Sumatra van 1871; van de andere Mogendheden zou
I.? het waarschijnlijk gemakkelijk kunnen verkregen worden, en dan
I ware onze suprematie (oppermacht) over Atjeh erkend en hadden I
wij geene inmenging van vreemden meer te vreezen. Bleefmen, wat I
niet te verwachten is, weigeren ons recht op Atjeh te erkennen, dan I
ware het nog niet zoo vreeselijk, als wij moesten afzien van eene strook
gi lands, die geen 35ste gedeelte onzer bezittingen uitmaakt, en niet het I
. meest verleidelijk lapje gronds onzer enorme overzeesche koloniën ,
ä . vormt. Erkennen echter de Europeesche Mogendheden ons goed I
recht op de suprematie over Atjeh, dan is alle verdere bloedstor­ I
I ting misdadig, is ons oorspronkelijk doel bereikt, en kunnen wij I
, de opslurping van het noordelijkst deel van Sumatra in ons Neder- I
‘ landsch-Indische Rijk veilig aan de langzame werking van den I
Q tijd overlaten. In dat geval ware terugtrekken en onmiddellijk I
terugtrekken onze plicht; daarbij hebben wij noch voor verlies van I
ons prestige noch voor een algemeenen opstand te vreezen.
I, öns prestige in Indre- I
1 Ons prestige althans zal niet geschokt worden wanneer wij Atjeh '
niet ten onder brengen, doch het alleen onze straifende hand deden I
I voelen. Elk Javaan weet dat Atjeh sterk is en nog nooit werd I
I onderworpen; hij kent het inlandsche gezegde ,,wie Atjeh overwint I
If moet machtig en krachtig ziin." Ons prestige zal veeleer verhoogd I
worden, wanneer wij niet langer een oorlog willen voortzetten, j
­r die ons belet de meest dringende plichten elders te vervullen, ons
dwingt de meest dringende behoeften op Java onbevredigd te laten; I
ons prestige zal dan eerst volkomen wezen, wanneer het berust v .
. Z, op eerbied voor ons gezag, op liefde voor ons vaderlijk bestuur
, en niet langer op vrees voor de macht onzer wapenen. I
Onze kracht, ons prestige moeten wij zoeken in ons zedelijk I
‘ Q ` overwicht, in een rechtvaardig en verstandig besturen der ons
E toevertrouwde landen en volken, niet in granaten en repeteerge­ I
weren, Juist door het volharden in dit vergieten van stroomen I
I bloeds en dit vermorsen van millioenen schets, loopen Indië en I
’ Nederland gelijkelijk gevaar, ijlen beiden hun ondergang te gemoet. I
Evenals wegens het strenge optreden en de wreedheden der Span- f
L jaarden op Cuba reeds gevaar voor de inmenging van Noord Amerika f
I bestaat, zou Atjeh- aan eene of andere Europeesche Mogeudheid ·
I een welkom voorwendsel kunnen leveren, om ook aan Nederland ¥
I op dien weg van bloed en geweld een ,,halt" toe te roepen. Als I
I een Europeesche oorlog ontbrandde, en wie weet wanneer zulks
geschieden zal, dan zouden wij toch onze troepen en vloot uit I
Atjeh moeten terug roepen om ons vaderland en onze koloniën
Q; eenigszins te kunnen beschermen. Ook bij een ernstigen opstand op
I Java bijv. zou men daartoe moeten overgaan, daar de beste onzer
I krachten, de kern van ons leger in Atjeh is bijeen gebracht. Ware
S
. " I