HomeAtjeh in de Tweede KamerPagina 64

JPEG (Deze pagina), 1.05 MB

TIFF (Deze pagina), 6.44 MB

PDF (Volledig document), 83.49 MB

ï.;; ’"ï ï’ .
· . R k~_ xä rl n
lt `
geen der gruwelijkste en der onrechtvaardigste oorlogen ooit in ,~,
Indië ondernemen". ' I.?
De eene helft van dit Parlement erkent het gruwelijke onrecht
Q tegenover Atjeh gepleegd, de andere bewaart ­- evenals de
`; Minister - een voorzichtig stilzwijgen, en allen grijpen naar ,
de alles uitwissehende spons en roepen ,,Schu·umm d`r·£iber".
I Doch voelt men dan niet, zoowel zij die de onrechtvaardigheid ii
1 van dien bloedigen oorlog niet durven, als zij die dat niet meer
Z willen erkennen, welke scherpe aanklacht zij tegen zich zelven fl
5 uitspreken`? g __
J ‘ Is onrecht dan geen onrecht meer, omdat wij het 25 jaar lang 3
herhaalden, en intusschen stapelden misdaad op misdaad? Wat §
e moet men gevoelloos zijn voor recht om door zulke uitvluchten ‘ Y
het voortzetten van dien rampzaligen krijg te verdedigen. t
Waar de Minister niet wilde ingaan op mijn argumenten, waardoor
L ik de gehuichelde voorwendsels van den Atjeh oorlog trachtte te I
X weerleggen, ging hij wel in op de argumenten van den heer ` ‘.
- Bahlmann, om aldus, langs een omweg, toch weer de oude boeman,
. ,,de verwikkelingen met vreemde Mogendheden" op het tooneel te
‘ doen verschijnen. · ¥
I Nog eens de zeeroof,
i Wat de zeeroof betreft, acht ik dat gevaar voldoende weerlegd.
· De zeeroof was niet zoo erg als men beweerde, had van 1857
. · tot 1870 maar eenmaal plaats gegrepen; hij komt ook op Java l ·
voor, werd door ons zelve, volgens Kielstra, op de kusten van
Atjeh gepleegd, en wel eens deed nog in de laatste jaren onze
Nederlandsche marine daden die al bitter weinig van zeeroof
j verschillen, en aldus door de Atjehers met recht werden betiteld. `
Trouwens als wij, wat persoonlijk mijne oplossing zijn zoude,
t’ `i die ik echter gaarne voor beter aan eene commissie zou onder-
, werpen, als wij Poeloe Bras of Poeloe Weh bezetten, en wat "
H _ snelvarende inlandsch getuigde vaartuigen er op na houden, kun- 'i‘
i' ; nen wij veel beter den zeeroof belemmeren dan thans met onze ‘ ‘ .
zware en dure schepen het geval is. Verovering van Atjeh is
X echter daartoe in geen geval noodig. ‘ ,
, Doch zeeroof is ook slechts een voorwendsel, er bij gehaald _
pour le besoiu de Za cause. (2) In de instructie aan den Regeerings· .
I commissaris, die naar Atjeh werd gezonden om den sultan onze ,
grieven mede te deelen en tevens den oorlog uit te lokken, is van
zeeroof geene sprake. Wel van vrees van inmenging van vreemde "
I Mogendheden. i
l Wij weten thans, want de ofücieele bescheiden over ,,dc aan- I
leiding tot den Atjeh­oorlog", acht jaar lang zorgvuldig geheim
l `! gehouden, zijn ook mij bekend, dat dit voorwendsel een verfoeie- ­
If I lijk kluchtspel was. Een ,,zot" en een ,,monomaan" zeide de heer _
,f I, (1) Om de zaak te redden.
ä I
;,ï j
5 .
li E f i
l l ' ’
` l 5 ,
x, _ - )*