HomeAtjeh in de Tweede KamerPagina 41

JPEG (Deze pagina), 1.08 MB

TIFF (Deze pagina), 6.23 MB

PDF (Volledig document), 83.49 MB

‘ i
39
belangen van de kapitalisten zoodanig samenvallen met de belangen
van de groote meerderheid van het volk in Nederland en in Indië, dat
· daarvoor die bloedige en treurige oorlog verder moet worden gevoerd.
‘ Over al die belangrijke zaken hebben wij niets gehoord; men
j weet er niets van, of dit alles doorvoering van den Atjeh­oorlog,
` of het volgen van de tegenwoordige tactiek noodzakelijk maakt.
In tegenstelling met de partij, door ons in de Kamer vertegen-
j woordigd, noemen de verschillende andere partijen zich gewoonlijk
, bijzonder practisch. Welniil de practische zin van het Neder-
' landsche volk en van die practische partijen in deze Kamer, welke
° hier zulk eene overweldigende meerderheid vormen, moet er, mijns
­ · inziens, toe leiden, dat men eindelijk eens onderzoekt, wat men
zal krijgen voor den prijs, den kostbaren prijs, dien wij reeds 24
jaren lang met den Atjeh­oorlog betalen. Ook van een koopmansstand-
punt bezien, moest men zulk eene berekening maken.
‘ ‘ Wij meenen ten deze iets practischer te zijn da11 de overweldigend
groote meerderheid der Kamer, door het voorstel te doen, de
beteekenis van den Atjeh­oorlog voor Nederland en Indië te doen
onderzoeken. En wanneer een dergelijke Commissie, -- die er
niet komen zal, wij weten wel hoe de wind waait - aan het werk
ging, dan zou een belangrijk deel va11 hare werkzaamheden dit
zijn ; het verband aan te toonen, dat bestaat tusschen de verschillende
industrieele ondernemingen en de11 Atjel1­oorlog, maar tevens te doen
duidelijk worden, in hoeverre de bescherming der industrieelen op
deze treurige, onmenschelijke wijze, kan worden genoemd eene
bevordering van de oeconomische belangen van de groote meerderheid
j van het Nederlandsche en Indische volk. _
Misschien is het noodig, dat voor een zeker onderdeel van die
taak, door ons aan de commissie toegedacht, eene commissie worde
, benoemd. Misschien is de Minister van Koloniën al bijzonder goed
in de gelegenheid om een antwoord te geven, in hoever de Deli-
en andere ondernemingen aan de Oostkust van Sumatra belang hebben
, bij den Atjeh-oorlog en in hoever deze belangen zijn overeen te
brengen met het belang van het Nederlandsche volk.
De Minister als type der geldmacht.
i , Misschien is deze Minister van Koloniën juist en man, om het
` verband aan te geven tusschen het Nederlandsche kapitaal en den
Atjeh­oorlog. Immers, hebben wij niet terstond na de benoeming
ix van dezen Minister in de Nieuwe Rotierdamsche Courant kunnen
i-J lezen, dat deze Minister niet alleen was afgetreden als voorzitter
i van het bestuur van de Koninklijke Paketvaartmaatschappij, maar
',` bovendien als voorzitter van commissarissen der Delimaatschappij,
jj als commissaris van de Deli-Spoorwegmaatscliappij, als commissaris
", van de Senembah- e11 van de Medan-maatschappij ? Daaruit blijkt, dat
ix deze Minister bijzonder goed op de hoogte moet zijn van het verband ,
tusschen het Nederlandsche kapitaal aan de Oostkust van Sumatra
en de verovering van Atjeh, en misschien kan de Minister straks
reeds eenig antwoord op dezevraag geven.
:.. NC", T ç<·­._.i·-_'.,._,_;,ê, ,,_, -__.;,.,,,,;.,.._..l, .. Mit. ..r..,. te nw`. www nl . .- ·»rV U -4- ·­·- ·­»‘~­~ -~-~ ·»~­ ~­­~~ - ~­-­­~­ » i ~ · »··· ~­ -···­·~~‘····~·~"