HomeAtjeh in de Tweede KamerPagina 28

JPEG (Deze pagina), 1.11 MB

TIFF (Deze pagina), 6.22 MB

PDF (Volledig document), 83.49 MB

.· ­ N ~·:.­ .· .,­ ~ · ;_ . g «.,n;~­~·-~­· ~ ·­.·· , ­·-· vw .».~­s·­­ aw.: .~». J:. ­ "«M.«..-..«·· :.«­·¤#&=~·~·‘.­;-­~­·`.­­»­ v. 2 _
1
E ~ .
tl 26 2
I E
l Met andere woorden: de Regeering kan bij geen benadering
l den tijd bepalen binnen welken de Atjeh­oorlog zal zijn afgeloopen. l
r Die oorlog zal dus jaren en jarenlang nog voortgaan niet alleen l
j iinantieele offers, maar, helaas, ook eene massa offers aan menschen-
‘ j levens te vergen. j
j Een ieder die door het goedkeuren der Indische begroeting
i { voor den Atjeh-oorlog zijne stem uitbrengt, moet zich ten diepste gj
I bewust zijn van de verantweordelijkheid die hij op zich”neemt,
‘ door er mede aansprakelijk voor te zijn dat die oorlog in die E
g verre gewesten voortduurt, die op onzechlvaavdige manier is aange· g
j vangen en dien wij uit een oogpunt van recht tn billijkheid
l l zoo spoedig mogelijk behooren te beëindigen, zij het tot
l onze zoogenaamde schande, want de schandelijkste vredesvoor- , l ,
pj ·l waarden zouden uit een oogpunt van moraliteit voor Nederland
beter zijn, dan de schandelijke oorlog, die daar zoolang door ons i
i j is gevoerd en nog wordt gevoerd. gi
" i Dan de iinancieele offers. In hare Memorie van Antwoord zegt · ‘
» de Regeering; ` _ p
j ,,Zoo lang de Atjeh­oorlog voorgaat de groote oiïers te eischen, 1
, l die hij nu vergt en in het laatste 24-tal jaren gevergd heeft,zal ten J
j opzichte van de ophefiing van persoonlijke lasten waarschijnlijk 5
j Q niet zoo ver knnnen worden gegaan alswel wenschelijk ware; E
jl zullen vele nuttige uitgaven achterwege moeten blijven; zal op elk ,
| ,' gebied groote zuinigheid moeten worden betracht, van welke nood- j ­
j j zakelijkheid de Indische Regeering blijkens vele van haar uitgaande
E , voorstellen of beslissingen volkomen overtuigd is." j‘
Met andere woorden; de Atjeh oorlog domineert alles. De meest
. nnllige, ja zelfs noodzakelijke uitgaven in het belang der Javaansche
bevolking kunnen niet gedaan worden zoolang die oorlog duurt.
Om dus onze eerzucht te bevredigen, om niet terug te gaan op
lj zulk eene manier dat de Atjehers zouden kunnen zeggen: de Hol- .
U landers zijn lafaards gebleken, offert men de bevolking van Indië. *
Vgl drie millioenen menschen bedraagt, op. Daarom wensch ik ernstig
jj tegen het voortduren van den Atjeh­oorlog te protesteeren en ik i ­
zou zelfs werkelijk tot de conclusie komen, waartoe volgens den _ A
Q; heer Kuyper de heer van Kol had moeten komen, indien het 1n0ge­" ` J ’
lük ware in deze kamer zoo iets doen, ik zeg niet met goed gevolg, `
LQ · maar krachtens ons kunnen binnen den kring, waarin wij als het
ill ware te dezen opzichten zijn opgesloten. De heer Kuyper heeft er- _,_, _ x
kend dat wij niet alleen in Atjeh trachten in te dringen krachtens .",
pk; het recht van den sterkste, maar dat wij al onze buiten- ,l
Qi landsche bezittingen hebben ingepalmd volgene dit beginsel,
en dat wij geen enkel recht zouden kunnen doen gelden, dat ,_j
aan billijkheid zou zijn ontleend. De­ heer van Kol, uitgaande á`
Ԥ; van zij praemissen, n1oest dan ook vtlgens den heer Kuyper i
gj. komen tot de conclusie: wij trekken ons niet alleen uit Atjeh .
iii terug, maar overal, waar wij ons onrechtmatig hebben ingedron­
jj gen. Dit ben ik volkomen, met hem eens en als de heer Kuyper ‘
mij een middel aan de hand kan doen, om daartoe in deze Kamer
jij ‘ een voorstel te doen, als hij mij duidelijk kan maken dat onze be-
:2· l