HomeAtjeh in de Tweede KamerPagina 19

JPEG (Deze pagina), 1.11 MB

TIFF (Deze pagina), 6.27 MB

PDF (Volledig document), 83.49 MB

,4 · _ ·I lf
. i ;____ g
' 17 ‘¥3 {T;
,, zijn de bezetting op zoodanigen voet te onderhouden, dat de val- li
lei van Groot­Atjeh kan blijven worden beheerscht, totdat depaci­
ficatie zal zijn ingetreden. Tot de beantwoording daarvan moet ik
mij bepalen tot de gegevens die in het Koloniaal Verslag voorko­ . Q
­ , men en dan kom ik met die gegevens tot de overtuiging dat het il
Y Indisch leger daartoe bij machte zal zijn.
t Ik zal de cijfers die mij tot de meening hebben gebracht dat de
toestand van het Indische leger vrij gunstig is, achterhouden; al­ ä
leen wijs ik er op dat bij de infanterie, het wapen dat verreweg
het talrijkste is, het aantal beschikbare manschappen viermaal zoo
, groot was als de bezetting van Atjeh aan infanterie bedroeg. Gaat
` men het aantal na van hen die in de laatste vijf jaren noodig waren
· ' ,` tot aanvulling van de troepenmacht op Atjeh, dan blijkt dat daar- ,
voor jaarlijks meer dan de geheele bezetting werd vereischt. Globaal
aannemende dat elk jaar de bezetting vernieuwd wordt (hetgeen
ook in de Memorie van Antwoord voor eene compagnie Europeanen
' i · wordt bevestigd) dan kan als regel worden aangenomen dat de in ïl
dienst blijvenden van de afgelosten, geruimen tijd niet beschikbaar
,"‘~ zijn voor Atjeh. Onderwijl is echter een gedeelte van de niet be-
schikbaren, de recruten, geschikt geworden voor den actieven dienst, j ,­,_ t
en komen van de beschikbaren op Java weder vrij voor de aan-
vulling van de bezetting op Atjeh.
De mogelijkheid bestaat wat het sterktecijfer betreft, om een
· oorlogstoestand te blijven volhouden, zooals wij dien thans kennen. fï
Dat leeren de cijfers; maar zij worden bevestigd door de nadere
verklaring in de Memorie van Antwoord, dat eene aanvulling over
1898 met 2000 Europeanen door de Indische Regeering, 'die in de
allereerste plaats den toestand kan en moet beoordeelen, voldoende _;
wordt geacht. Ook de mededeeling in de Memorie van Antwoord,
dat de dienst in de nieuwe kampementen niet te zwaar is voor de
‘ krachten der manschappen, is een gunstig getuigenis voor het weer-
standsvermogen en den physieken en moreelen toestand van de
troepenmacht op Atjeh.
~ Wel toont de Regeering daardoor te gelooven in de kracht van
, het leger als lichaam; doch het lijdt geen twijfel of de wijze van
" te individueele aanvulling der verliezen, het gestadige va et vient kan ï
geen gunstigen invloed hebben op den samenhang van het leger;
en eene compagnie die in den loop van een jaar als ’t ware wordt Z?
vernieuwd, moet vanzelf aan innerlijke kracht en samenhang inboeten. ;
’ Hoe meer dus periodieke aflossing van geheele onderdeelen kan
plaats hebben alvorens zij moeten worden geëvacueerd, des te meer
j zullen de belangen van het leger in zijn geheel gediend worden, j
en tegenover de groote voordeelen daaraan voor het personeel
A verbonden, mogen kosten van uitbreiding van het leger, wanneer J?
die daarvoor noodig is, naar mijne meening niet wegen.
Zeer zeker zal niet worden getwijfeld aan de mededeeling in Q
de Memorie van Antwoord: ,,dat ter verzekering van behoorlijke pi
aanvulling, uitrusting en verpleging der troepen al het mogelijke tf
. wordt gedaan", maar waar het zulk een langdurige oorlog betreft,
, moet al het mogelijke gedaan worden, om zoo ver het kan het <·