HomeAtjeh in de Tweede KamerPagina 12

JPEG (Deze pagina), 1.03 MB

TIFF (Deze pagina), 6.22 MB

PDF (Volledig document), 83.49 MB

10
ll , ,1
1 de Atjehers niet of men had niet zoo licht het zwaard getrokken, )
dat in geen kwart eeuw in de schede zou terugkeeren. Men meende '_
dat Atjeh in diep verval verkeerde, in volslagen regeeringloosheid; 1
geen macht, geen geld, geen wapens had, en niet op de hulp zijner l
al vassalen kon rekenen. Men achtte het zelfs waarschijnlijk, dat men
ll zonder slag of stoot de overwinning zou behalen, 811 dat het geheele .
1 standje wel zou afgeloopen zijn voor den spoedig tegverwachten ·
j moesson.
l Gevolgen van den oorlog.
Men heeft zich deerlijk vergist, en thans wreekt zich vroegere ll
i overinoed en onverstand op eene al te vreeselijke manier. WVant ,<,
» wat waren de gevolgen van dien eersten, zoo misdadig roekeloozen L i
eersten stap:
l De gevolgen ‘? wie kent ze, al de slachtoffers van dien`vreeselijken
krijg? Wie durft onder cijfers brengen het aantal dooden, die aan
* beide zijden hun bloed hebben gestort, de gewonden die verminkt i ·
« een ellendig bestaan moeten voortslepen, de ontelbaar velen die door
1 ziekten werden weggesleept, de mannen in de kracht des levens die V
C. met een geknakte gezondheid het genadebrood moeten aannemen, de · 7
I inboorlingen die zijn verjaagd uit hunne dorpen, tot ellende werden
gedoemd, en tot roof werden gedreven ? Doch niet alleen defstroomen
> bloeds die zijn vergeten, de ramp en smart die werden geleden, men
kent ­- of wil niet kennen - de schatten gouds die zijn verspild. ·
Met onze zoo uitgebreide bureaucratie (1), moest de minister Bergsma
¥ nog slechts 5 maanden geleden verklaren, dat men noch bij het
` Ministerie van Koloniën, noch in Indië met juistheid kan opgeven
i hoeveel gelden speciaal voor Atjeh zijn uitgegeven. En toch, het
1 was zoo wenschelijk dat deze som eens nauwkeurig, voor zoover
i zulks mogelijk is, werd berekend, als een ernstige waarschuwing
‘ voor volgende geslachten, en voor alle Begeeringen, die nog door
koloniale veroverings-zucht worden bezield. Wat wij weten dat is:
( dat van 1873 tot heden ongeveer 1100 millioen werden uitgegeven
A aan leger eu vloot, dat de uitgaven vóór het uitbreken van den '
1 Atjeh-oorlog hoogstens 30 millioen per jaar bedroegen, zoodat van .
T 1893 tot en met 1897 of in 25 jaren, deze extra uitgaven 350 ‘ `
millioen gulden hebben geeischt, waarvan slechts een klein deel
[ op Lombok en elders werden besteed. In mijne brochure ,,Land en
! Volk van Javo" had ik, een paarjaar geleden, deze som aangegeven, _ i _
doch in eene kritiek in Insulinde merkte de heer van Heutz, Assistent-
Resident, op, dat men alle extra-uitgaven van het Civiel Bestuur,
recherche vaartuigen, reis- en verblijfkosten, verlofsgelden en een
deel der pensioenen enz. enz. er bij moet tellen. Anderen kwamen
dan ook op eene uitgave van 7a 800 millioen, en de Java Bode van
S 13 April 1897 op f 1000 millioen aan geld en 100 duizend menschen-
l levens. Wat dit laatste betreft is het ijzingwekkend, hoe ziekten _ »
1 steeds den oorlog volgen, dyssenterie, cholera, moeraskoortsen, berri- "‘
berri; maar 00k venerische ziekten 611 Syphilis tasten hen aan, die
1 (1) Ambtenaarswereld.