HomeHet sociale vraagstuk en de Christelijke religiePagina 52

JPEG (Deze pagina), 1.05 MB

TIFF (Deze pagina), 8.39 MB

PDF (Volledig document), 80.51 MB

»·«««··-«·«»·-­~·~­­«.s­~-.«».....-...«.­.«.....,~.a....t,.. .. ...., -.. _ ., ,....4 *, N E
i
li v
A
50
t_ Y
44, ` zitten de Roomsch­(Jatholieken hier te lande nog meest stil. En dit te
meer omdat voor ons, Protestanten, op dit gebied veel meer te leeren.
valt van de Roomsch­Catholieken,· dan van de Ridders van den arheid uit
Amerika, die in 1869 onder Stephens wel begonnen met nog een eed op de·
Heilige Schrift te vragen, maar in 1878 op de vergadering van de Orde ‘
te Philadelphia dit Bijbelsch karakter reeds prijs gaven. In 1886 op de ver-~
i gadering te Richmond, liep heel deze orde van de Ridders van den arbeid
jj ` dan ook met pak en zak naar de Socialisten over. Ook de Ohristliche gj
lj 4 Jfrheiterjoartei geeft ons betrekkelijk minder, én omdat ze te zeer op het
Staats­socialisme dringt, én omdat ze niet zoo diep in de beginselen indrong. 4
Dit laatste nu juist deed de Encycliek, en, wat meer zegt, ze behandelde- g
daarbij uitsluitend die beginselen, die aan alle Christenen gemeen zijn, en i
die ook wij met onze R. C. landgenooten deelen. Zie over de Ridders van
, den arbeid het zaakrijk geschrift van ARTHUR HADLEY, Socialism in the
, United States, en A. VILLARD, Le Socialisme moderne, son dernierétat. Paris, 4i
iä Guillaumin, 1889. p. 190. Een goed overzicht van de R. C. beweging vindt. ä _!
·44 men bij W1N·rEnn1i, Le Socialisme international, coup d ’oeil sur le nzouvement nii
socialiste de 1885_ cl 1890. Paris chez Lecoffre, en te Mühlhansen, chez Gangloli. j
, E l
Bl. 6 n°. 4. Nieuwe Opra/celing. Dordrecht 1827, p. 43, 46, 47. Ook. i
t Dr. L. A. KOLLEWIJN wijst in zijn Bilderdüh, zyn leven en wer/cen, Dl. II, j
j p. 136 .op dezen trek in Bilderdijks bespiegeling. Ten deele kan men Bil- `
derdijk zelfs als een voorlooper van het Staats-socialisme aanmerken, in. l`
I zooverre hij eischt, dat de Staat aan elk jong man van twintig jaar de ,
gelegenheid zal openen om te kunnen huwen. Zie zijn Brieven aan Tüdemana
i Dl. II, pag. 67 v.v.
Bl. 7 n°. 5. De '0osta’s werken. Ed. Kruseman 1862, Dl. II, p. 397, ·
li Zie voorts, behalve zijn Bezwaren tegen den geest der eeuw, ook zijn prachtig rij
lied: De Vryheid, Dl. [, pag. 364; en niet minder zijn teekening van de- 4
Y socialistische ellende in Londen, gevlochten in zijn Wachter, wat is ervan den 4 ‘
j 4 nacht? Dl. Ill, p. 87; en dan zijn lied 1618-1648, Deel IlI, p. 113,_ ‘
vooral p. 119. 4
. l
jj Bl. 7 n°. 6. Zie zijn Adviezen Dl. II, p. 571. Kemink en Zoon, 1857.. l
Bl. 7 n°. 7. Nederlandsche Gedachten, Dl. IV, p. 64. Waarschuwend is.
4` ook wat Groen van Prinsterer op 18 Juni 1850 in de Kamer zei: ,,Het.
is diet ongeluk van onzen tijd, dat men de democratie isoleert. Het zal ons,. i
niet baten of wij aan den middenstand het gezag verleenen. Ook dit is een { t
al . Jzienwe aristoeratic en een nieuw privilegie en zal slechts een overgang; ,
ll l