HomeSeparatie en DoleantiePagina 59

JPEG (Deze pagina), 1.09 MB

TIFF (Deze pagina), 8.19 MB

PDF (Volledig document), 78.40 MB

,.m.,:.-we:.,­a.­m.e.....a...,«-..­a..»..:ex .,-­ , ·..· . .
KEn1<nEcr1TnL1JKn GEVOLGEN nnn noLEANr1n. 57
door de, krachtens Gereformeerd kerkrecht, daartoe bevoegden
het instituut der kerk losgemaakt is van de Synodale organi-
satie van 1816 voor allen die op 16 December 1886 door sti-
pulatie in de gemeenschap van dit instituut als membra com-
pleta erkend waren, ongeveer 50.000 in aantal. Dat de alstoen
opgetreden kerkeraad krachtens de vroeger gemaakte stipulatiën ’
kerkrechteläk gehouden was, elk onder stipulatie aangenomen
lid, als lid te blijven erkennen behoudens zün recht en plicht,
om door schorsing en ban voor de zuiverheid der kerk te l
. waken. Dat toen een deel der leden zich verklaard hebben in dien
`* zin, dat zij op het voortdurend genot van deze 'kerkelijke ge-
meenschap prijs stelden. Dat een misschien grooter deel, waar-
onder vele ambtsdragers, feitelijk verklaard hebben, met het
aldus gezuiverde instituut niets meer van doen te willen hebben;
over welke de kerkeraad alzoo geen kerkrechtelijk gezag meer
kon uitoelenen. En dat een moeielük te bepalen deel niets U
van zich merken liet, zoodat het den kerkeraad nog altoos
onbekend is, of deze al dan niet in de voorrechten van het
gezuiverde instituut willen blijven deelen. Zij nu, die dui-
L delijk getoond hebben, niet langer als leden van het gezui-
ii verde instituut te willen gerekend worden, hebben zich toen _ 2
van het oude Instituut afjqcscácirlm, feitelijk een memo schis-
matiek instituut opgericht, en hebben dat nieuwe instituut
in rechten aan de Synodale organisatie van 1816 verbonden.
Met dit nieuwe schismatieke instituut nu, dat de ken- ‘ i
merken van de ware kerk mist, heeft het oude en tot
zuiverder gestalte gebrachte instituut niets meer uitstaande.
Van dit instituut kunnen noch mogen attestatiën aangenomen
- , worden, en wie zegt bij dat instituut belijdenis te hebben ge- `
daan, moet niettemin, als stond hij nog geheel buiten alles, 1
wat men noemt, zijn belijdenis overdoen. Waaruit resulteert i
dat het instituut dat in Doleantie ging, nu daargelaten zijn
geestelijke verplichting jegens afgedoolden en zijn ten deele amb- ‘
telijke roeping jegens alle gedoopten, kerkrechtelijk d. i. voor -
wat de geïnstitueerde kerk betreft, Mans reeds lang niet meer be-
staat uit alle leden, die er op 16 December 1886 deel van
uitmaakten, maar alleen uit die leden, die óf van hun instem-
ming met het werk der reformatie lieten blijken, óf om- ­
A n W W ' ,. L /