HomeBrieven over de burgerlijke regtsvorderingPagina 45

JPEG (Deze pagina), 772.02 KB

TIFF (Deze pagina), 6.45 MB

PDF (Volledig document), 37.26 MB

43
Zonde eene verwijzing in alle de kosten niet aan ’s Regters
oordeel kunnen worden overgelaten? De Regter kent toch
de zaak en weet, hoe zwaar de gronden van partäen
wegen
Dat de verliezende partä eenige kosten betale , komt mij
billijk voor, doch dit moge dan beperkt worden tot die
kosten , welke volstrekt onvermijdel§k en een dadelük
verlies voor de wederpartü z§n.
Eene scheiding hierin te maken is zeker moeüelnk.
Praktisch is mogelük die de gemakkelijkste en tevens
billükste, welke ik, s. m. , in een voorstel tot wijziging
van de artt. 56 en 57 waag te formuleren.
Art. 56. «Al wie bij vonnis in het ongelijk gesteld
vwordt, zal verwezen worden in de kosten van deur-
` wwaarders, van zegel-, griffie- en registratieregten
» Eene verwijzing in alle de kosten zal door den Regter
«» worden uitgesproken , ingeval de in het ongelijk gestelde
» partü verstek heeft laten gaan, ~ ingeval zij zonder
» redelüken grond, of te kwader trouw, tot ontwüking van
wegtmatige en duidelüke verpligting, of tot onnoodige
» uitbreiding en verlenging van het geding heeft gepro-
ij ·> cedeerd.
» Echter zullen » enz.
· Art. 57. « Eene verwüzing in alle de kosten bevat tevens
A het loon en de verschotten van den vertegenwoordiger der
winnende partij, volgens tarief. »
Ik onderwerp het aan beter oordeel, of hiermede aan
de regtmatige klagten op dit punt genoegzame tegemoet-
koming zal gegeven zän. _
De invordering der proceskosten waarin de verliezende
*) Vinnius ad Inst. IV, t. XVI, § 1, n° 3. ,,Judicis religioni et pru-
dentiae hoe aestimandum relinquitur."