HomeBrieven over de burgerlijke regtsvorderingPagina 43

JPEG (Deze pagina), 794.53 KB

TIFF (Deze pagina), 6.45 MB

PDF (Volledig document), 37.26 MB

U 41
schade, aan een ander door de onregtmatige handeling
van een proces toegebragt *‘
Niets is voorzeker juister en heilzamer tevens , dan
p straf en schadevergoeding aan onregtmatige daden te
' verbinden. Maar ik vraag: zün en waren alle regts­
gedingen aan de züde van hen, die in het ongelük
. werden gesteld , onregtmatige handelingen? Wie de E
· praktük eenigzins kent, zal dit niet volmondig durven
l E _ toestemmen. Wie toch met onbeneveld oog dit punt
beoordeelen Wil , moet zich ontdoen van het ongelukkige
denkbeeld, dat procederen op zich zelf laakbaar is, en
dus hij, die de kosten betalen moet , slechts welverdiende
straf ontvangt. Regtsgedingen zän op zich zeQ‘ evenmin
` te prüzen of te misprüzen , als elk ander geschil of verschil
i in onze onvolkomene en daarom strevende wereld. Twist-
; zoekerü , chicane, is ondeugd; maar te goeder trouw met
' ` redelijke gronden op zün regt te staan , is iets, wat zich
j geen mannelük gezind volk, ten gunste van utopisch
lamsgeduld , moet laten ontnemen.
V De «improbus litigator=¤ T) moet dus schadevergoeding
lj geven. Niets is billüker. Maar wie is de kwade pleiter,
"V de chicaneur? Wüst het verloren proces hem aan? Is
elk verloren proces een damnam injwria datum?
· Werd dit aangenomen, zoo als onze VVet het aanneemt,
het zoude mogen heeten: summum jus, summa injzwia.
. Ik weet wel, dat de Regtsgeleerdheid zegt: res judicata
ep pro veritate accipitar. Maar men vergete niet , s dat deze
{ regel aangaande de kracht der gewüsden een regel van
i *) Zie Mr. A. DE PINTO, Burg. Regtsv., II, I, 134. En vooral het
keurige werkje: Over de Proceslcoszen, door Prof. A. D. WEBER , vertaald
door Prof. H. W. TYDEMAN, pag. 5~22.
‘r) Inst. § 1 , de poena tem. litig.