HomeKolonisatie in onze OostPagina 30

JPEG (Deze pagina), 0.95 MB

TIFF (Deze pagina), 7.40 MB

PDF (Volledig document), 45.05 MB

stil?
*ï . i
uitgravers van boomwortels, goed met al het noodige toegerust te ,
zenden, dan duizend van de soort die wij reeds hebben."
Doch met al dit ongerief, en niettegenstaande er toch nog ongeveer
5oo personen gezonden werden, voor het meerendeel menschen, die
, hun vaderland hadden verlaten om erger lot te ontvluchten, ban- · _
kroetiers, heeren naar geest en vermogen verarmd, dronkaards, . '
I"` lichtmissen; in één woord, mannen beter in staat om een staat te 5
bederven, dan om er een te stichten-bezat deze kolonie in ,,Smith"
,2 een eminent hoofd, wien het, hoewel met veel moeite, gelukte de
. bandelooze menigte te doen hooren naar zijn goeden raad en wil.
, · Hij wist de emigranten te doordringen van de waarheid, dat men
niets zonder arbeid had te verwachten. Aan hem was in de eerste i
l plaats het welslagen toe te schrijven, in verband met lateren nieuwen ,
toevoer van landverhuizers; met daden van welwillende wetgeving,
en met de invoering van het persoonlijk eigendom.
Zoolang toch vlijt en inspanning verstoken waren gebleven van l
de belooning die haar toekwam, was op onwilligen arbeid en schro­
melijke tijdverkwisting steeds gebrek gevolgd. Na de invoering van ë
het persoonlijk eigendom werd de heiligheid daarvan als de zeker- j
ste waarborg voor orde en overvloed erkend. ·
Van anderen aard is de kolonisatie_ der Pelgrims in Nieuw­Enge­
liïi; land. Zij waren Protestanten, ballingen ter wille van hun geloof, r
l mannen door tegenspoed gehard, door al wat zij in de gelegenheid
il, geweest waren op te merken, ontwikkeld. fl"
wl Zij vestigden zich in het onvruchtbaarste, onherbergzaamste deel j
van Massachusetts, waar zij eens van den hongerdood gered werden, f
door menschlievendheid van visschers, die toevallig op _ de kust x
kwamen. Toch bleef steeds, ook in den grootsten nood, het blijmoedig s l
vertrouwen der Pelgrims op de barmhartigheid Gods ongeschokt.
Ook bij hen was in dengaanvang het stelsel van gemeenschappelijk
E g eigendom aangenomen; - het gaf treurige uitkomsten; - de prik-
’i kel der wet kon niet zulk een geregelden arbeid te voorschijn roepen i
als de drijfveer van persoonlijk belang. Ook zij besloten (in 1623)
met dat stelsel te breken. ,,Geen luie hommel mag onder ons 1even," `
5 werd hunne leus.
j j Na jaren van ontbering, brak een tijdvak van welvaart aan. Rein- _ l
heid van zeden was de kroon op dezen toestand van kolonialen
5
ä s r