HomeKolonisatie in onze OostPagina 26

JPEG (Deze pagina), 954.53 KB

TIFF (Deze pagina), 7.34 MB

PDF (Volledig document), 45.05 MB

/ " r
l
é
l 24 ‘
j § _ ongeoorloofd. De handel heeft daardoor een macht verkregen, grooter
j. ­ dan waarop hij recht had als een der factoren van ons bestaan. ‘
ii, Soms zelfs draagt hij het karakter van een Staat in den Staat. K
Ei = En toch is de handel niet de voornaamste factor van ons maat-
j schappelijk leven. De arbeid, zoowel op als in den grond, heeft die·
l eer, al wordt__hij minder geacht. `
Van waar onze levensmiddelen? Van waar de grondstoffen, noodig
ter bereiding van wat wij, om ons bestaan te verzekeren, moeten r
,` i gebruiken? Van waar zelfs de handel in die producten, als de
arbeid ze niet te voorschijn hielp brengen? W
pl En toch, handelaars en fabrikanten werden bedacht met hun
pl ,,Kamers van Koophandel en Fabrieken", welker leden zij kiezen
i en waardoor zij onophoudelijk hunne belangen kunnen behartigen,. i
door onderling contact en contact met de gezagvoerenden. ,
. Voor landbouw wordt slechts noodig geacht eene ,,commissie tot l
ïê het instellen van een onderzoek naar den toestand van den land-
bouw". Waarom ook niet ,,Kamers van Landbouw" waarvan de
landbouwers, onze Nederlandsche boeren, de leden kiezen; waarin
in zij zich organisch uiten kunnen, evenals de handelaars en fabri~
kanten dat in hun Kamers van·Koophandel kunnen doen?
En de arbeid? Reeds lang is op ,,Kamers van Arbeid" aange-·
[K, drongen. Nog zijn ze er niet. Kamers van Arbeid, waarvan de l
nl leden gekozen zullen dienen te worden door dè werkbazen, mees- ‘
i terknechts en die werklieden, welke goed van gedrag, tevens blijken
l hebben gegeven volledig bekwaam te zijn in hun vak.
pt , Natuurlijk is er ook nog niet een ,,Wetboek van den Arbeid"`
als een gevolg van het contact dier ,,Kamers van Arbeid" met de
Regeerin g. ~ , ‘
Er is dus eene onevenredige verdeeling van gunsten blijkbaar
1 reeds lang te constateeren geweest. In hoeverre hierdoor de sociale
toestanden verergerd zijn, hebben wij niet aan te toonen, maar wel· _ Eg
fp hebben wij ons te wachten er voor, om met kolonisatie in onze
Oost een doel na te streven, dat noodlottig werken moet voor eene ll
geregelde organische ontwikkeling, waarbij zoowel arbeid als handel.
ll in en fabrieken tot hun eigen recht komen, zonder op elkanders rech­­
jl ten inbreuk te maken of die te beknibbelen. ii
Brancroft zegt in zijne ,,Geschiedenis van het ontstaan en de ti

I
`la i. jg g j jg _