HomeNeerbosch' WeesinrichtingPagina 99

JPEG (Deze pagina), 894.30 KB

TIFF (Deze pagina), 5.90 MB

PDF (Volledig document), 97.34 MB

@ 97
j Wel waarlijk leek de naam ,,Bethel", die boven den ingang ge-
plaatst is, juist gekozen.
Vluchtig merken we het in aanbouw zijnde Ziekenhuis op.
j Wie al deze gebouwen beschouwde en het groote aantal kin-
deren zag, die zich op de ruime binnenplaatsen met spelen ver-
maakten, moest met liefde vervuld worden voor den man, aan
g wiens energie, doch aan wiens geloofsvertrouwen bovenal, Ne-
l derland zulk een stichting te danken heeft.
{ Een woord van dank mogen we onzen geleider niet onthou-
il den, die ons bereidwillig en vriendelijk alle inlichtingen verschafte,
die wg hem vroegen. Dank zij ook den heer Van ’t Lindenhout
zelf, die ons welwillend ontving en uitgeleide deed.
Geen wonder dan ook, dat allen niet dan met de meeste vol-
M doening over het bezoek aan de stichting gebracht, spraken en
Y wij houden het er voor, dat de schrüvers der meergenoemde
brochure onbegonnen werk doen, zoo zij de Weesinrichting bn `
ons in discrediet willen brengen en den heer Van ’t Lindenhout
onze hoogachting willen ontnemen.
Wü voor ons zouden allen, die de stichting nog niet bezoch-
ten, wenschen toe te roepen: Hebt ge haar nog niet bezocht,
doet boete en herstelt uw verzuim spoedig en gg zult met ons
· moeten getuigen: waar zooveel liefde en toewüding woont om-
trent arme weezen, zal Gods zegen niet uitblüven.
i Aangaande hetgeen in het tijdschrift De Holl. Lelie voorkomt,
schreven we het volgende in De Kleine Coilmmf, dat we hier
ook een plaats geven.
LELIEN.
’ De herinnering uit de jaren onzer jeugd geeft ons dikwerf
veel te denken. Wat wij in onze kindsche dagen binnen den
kleinen kring en de enge grenzen van onzen gedachtenwe­
j reld ontmoetten, doorleefden en vooral droomden, is een ge-
` schiedenis, zoo rijk en afwisselend, dat de oudste grgsaard zich
x gaarne met zijn geest hierin terug verplaatst en het de genot- g
. volste oogenblikken van zijn leven zijn, wanneer hg nogmaals §
denkende, sprekende tot een jonger geslacht, dit gedeelte van *
zijn leven voor zün geest doet voorbijgaan. g
Uit de dagen müner jeugd herinner ik mü nog, met hoeveel
genot ik kon zitten bij den grooten waterpoel, die door de door-
braak van een dük in de nabijheid van mijn ouderlijke woning
was ontstaan. Deze kolk, zooals de boeren den poel noemden, ä
had vooral in den zomer veel aantrekkelijks voor mg. Dan kon
ik lang staren naar de waterlelies, die daar zoo rustig en deftig -
als koninginnen, met hun hoofd wit gekroond, boven het water-
vlak uitstaken. Wanneer de wind de groote bladeren door de
kleine golfjes bewoog, dan wiegelde de groote gekroonde water- »
lelie en het was mn alsof die bloem mg vriendelijk toeknikte