HomeNeerbosch' WeesinrichtingPagina 12

JPEG (Deze pagina), 752.03 KB

TIFF (Deze pagina), 5.83 MB

PDF (Volledig document), 97.34 MB

ïó Q
het hun nog lang door den Heer gegeven worde, met hunne
kinderen, met dezelfde liefde en toewijding als tot hiertoe Hem
te dienen in den arbeid der verzorging en opvoeding van arme
en verlaten W€€Z€l1.
_ (zu. g.] G YPENBURG, Voorzzïter.
Lid van het bestuur sedert 1874.
` ,, E. J. GRIFFIJN, ze Secretarzs.
Lid van het bestuur sedert I880.
,, A. KRAMERS,
Lid van het bestuur sedert 1881.
,, J. VAN ZWET, WzN.
Lid van het bestuur sedert 1881.
,, G. METZ,
Lid van het bestuur sedert 1889.
,, H. KOPER,
Lid van het bestuur sedert 1890.
Voor eensluidend afschrift: E. J. GRIFFIJN,
Arnhem, 23 Juni 1893. Je Secretarzs.
‘ De ondergeteekende vereenigt zich van ganscher harte met
de bovenstaande verklaring. L. J. LUIJKS,
Rotterdam, 24 Juni 1893. ze Secretarzs.
Lid van het bestuur sedert 1870.
Ter geruststelling van hen wier betrekkingen mogelük ver-
pleegd worden in de tegenwoordig zooveel besproken Weezmzw
1’z'c/zlmg te Ne·e1·b0sc/z, acht de ondergeteekende het niet te onpas,
om reeds nu mede te deelen, dat hij, terwül de bedoelde weezen-
inrichting, door hem vroeger meermalen reeds was bezocht,
thans, na lezing van het onlangs verschenen geschrift van de
heeren Van Deth en Van Houten, deze inrichting in de laatste
dagen meermalen en natuurlijk geheel onverwacht heeft geïn-
specteerd. ‘
De eerste zoodanige onverwachte inspectie door den onder-
geteekende in de laatste dagen gehouden, had plaats op een laat
avonduur, toen de weezen reeds te bed lagen.
Dit bezoek werd gebracht in tegenwoordigheid van drie daar-
voor aangewezen personen, wier namen de qualiteiten de on-
dergeteekende voor het oogenblik niet zal mededeelen.
Deze inspectie werd op de volgende dagen door hem herhaald.
Zij hadden evenals de eerste inspectie onverwacht plaats.
Bij deze volgende inspectiën zijn de weezen een voor een,
door hem in tegenwoordigheid van den geneesheer aan de in-
richting verbonden (den heer dr. de Blecourt), nagegaan.
Als voorloopige mededeeling nu - want op heden zijn nog
slechts ruim 5oo kinderen persoonlijk onderzocht en dit onder-
zoek vordert tijd - kan het geruststellende bericht worden ge-
geven, dat bij geen der onderzochte kinderen ongedierte op de
hoofden der verpleegden is gevonden. Een betrekkelijk groot
aantal kinderen leed aan tinea capitis (hoofdzeer), iets dat voor
eene inrichting als deze volstrekt geene verbazing behoeft op
" ..~.. .. W .,.. ....,..,.,F..m.,......u,..,._,.,,.. ._... ..- ..,. .. _,,. ,,.. .. .. . "~·-~­­--M