HomeDe Weesinrichting te Neerbosch vervolg en slot op "De Weesvader Van 't Lindenhout ontmaskerd"Pagina 110

JPEG (Deze pagina), 0.96 MB

TIFF (Deze pagina), 7.65 MB

PDF (Volledig document), 152.07 MB

A _ ._ g A pr V . n j , j I;. .V1,. v4.._4 .. .. » .._..
100 i
jongens moest. dan om beurten wakker blijven, om zijne kameraadjes ‘
elk uur te roepen. Een walmende petroleumlanp hing aan de zol-
dering, welke zekeren dag ontplofte en brand veroorzaakte, wat
de toenmalige waker, zekeren E. wakker maakte, gelukkigin tijds, ­ ­
die direct meester de Bruin riep, die er vlak bij sliep. Beiden ` _
bluschten de brand, voor er groote schade was aangericht. Maar
was die E. niet direct wakker geworden, dan was het onheil " "
vreeselijk geweest, wijl de kamer geheel gevuld met kribben was. ,
Die E. heeft niettemin een kolossale geeseling gehad om in slaap 4 A
` te zijn gevallen.
Een ander geval van gruwelijke ve1·waarloozing van een niet •· ‘**
verwaarloosde wees, Cornelis den Hartog, woonplaats bij mij bekend. i
Zijne moeder, eene weduwe, was in dienst van mevrouw de barones . _
Van Brakel. Toen die weduwe stierf, bracht mevrouw de barones U
het kind dier weduwe in eigen persoon naar Neerbosch, voorzien
·· van een flinke uitrusting uit een onbekrompen beurs bijeengebracht. J
· De barones gaf Van ’t Lindenhout f 1000 contant en vroeg hem
goed voor `dat kind te zijn; HEd. zou hem er alle jaren goed voor i
betalen. Tien jaar lang betaalde HEd. f 300 per jaar aan Van ’t
Lindenhout als verpleeggeld voor dien jongen, die op zijn 8ste jaar
te Neerbosch kwam.
Na verloop van die tien jaar, waarin genoemde barones zich
bovendien zeer vrijgevig had getoond, kwam HEd. te overlijden. r
Nauwelijks bereikte die doodstijding Van ’t Lindenhout of hij jaagde
E dien jongen zonder kleeren of geld uit de inrichting. Had de i
barones wellicht een legaat aan dien jongen nagelaten en werd `
hij weggejaagd, opdat dat legaat aan de inrichting zou kunnen
vervallen?? Hier staat veel in weinige regelen, veel om na te `
denken; maar ik mag ’t bij dat korte verhaaltje niet laten.
Die jongen is in die acht jaar zóó onmenschelijk be- en mis-
handeld, dat dat alle denkbeeld te boven gaat. Bij ’t verhaal zijner '
vreeselijke lijdensgeschiedenis had ik veel moeite om mij goed te
houden en bedaard te blijven. Hij leed geregeld honger en maakte · L
zich wel eens schuldig aan diefstal van kool en rapen uit het land. "‘ °
Eens ontving hij daarvoor van den braven meester de Bruin tachtig · Q
rottingslagen en werd bovendien voor drie maanden gestraft zijn g
weekgeld van vijftien heele centen niet te ontvangen. Hij was na F
die gruwelijke geeseling zóó erg gewond overal, dat hij ruim 4 "` -- *‘
weken bedlegerig was. Weer in de drukkerij aan ’t werk gaande, 1
ofschoon zijne schouders nog niet genezen waren, wilde de drukkers-
baas Louwerse en de draaier Bart Verhoef eens een grap hebben `