HomeEen menschwaardig bestaanPagina 14

JPEG (Deze pagina), 849.12 KB

TIFF (Deze pagina), 5.47 MB

PDF (Volledig document), 15.31 MB

14 _
mand uwer zal het ook onbekend zijn dat`voor menigen dag-
looner, die knap oppast en alles thuisbrengt bij moeder de
vrouw, het weekgeld dat hij verdient niet voldoende is om `
in zijn stoffelijke behoeften te voorzien. Dan moet de vrouw
wel meê­arbeiden, dan moeten de kinderen wel aan hun lot ‘·,
overgelaten. Voorwaar het is geen wonder dat vele schijnbaar
bloeiende zaken eigenlijk de tering in zich hebben. Wanneer .
naar de uitdrukking van Gods Woord »de loon der arbeiders 1
die de landen gemaaid hebben, roept tot den Heere," dan
mogen de rijken, die dit geld hebben ingehouden, weenen E
en klagen over hun rijkdom, want die zal van roest en mot
opgegeten worden. Menige arbeider in de Christelijke maat-
schappä ­- of wilt ge liever: in onze verlichte negentiende 4
eeuw ­- zou er wel aan toe zün indien hij behandeld werd
naar de voorschriften van de Mozaische wet. Of moest niet
gezorgd ndat het loon van den arbeider elken dag werd
uitbetaald, zoodat het niet bij den werkgever vernachtte tot ‘
den 1norgen"? Was het geen eisch der wet dat de landheer,
zijn oogst binnenhalende, zoo nu en dan handvollen zou laten g
vallen, en niet sganschelijk alle hoeken des lands zou af- [
maaien", opdat zijn arme broeder komen mocht en voor zich
inzamelen; niet bij wijze van aalmoes, maar als recht volgens
de wet? Was het niet ten strengste verboden de schulden
van den arme zóo koelbloedig en tot het uiterste te innen, dat .
ook zijn dagelijksch huisraad voor schuld verkocht werd?
Was het zelfs niet verboden den dorschenden os te muilban­
den, en dus te verhinderen van de vrucht van zijn eigen
werk te genieten? ‘
Hoog heeft men opgegeven van de vrijheid en onafhankelijk-
heid, die thans alle standen genieten. Niets verfoeilijker dan
de lijfeigenschap! Volmondig geef ik dat toe, mits men be- ‘
hoorlijke, voordeelige vrijheid tegenover slavernij M
bedoelt. Maar welke vrijheid heeft thans de vierde stand? `
De werkman staat gelijk met den werkgever; hij sluit als
de mindere van twee gelijken contract. Hij levert arbeid,
en de werkgever levert betaling. Daarmee uit. Maar welke j
vrijheid sproot daaruit voor den werkman voort, nadat alle »
organische verbindingen verscheurd zijn? De vrijheid om l
te verhongeren of in massa geweld te gebruiken! Waarlijk,
de lijfeigenschap zooals de Mozaische wet die regelde was, g
bij den werkelijken tegenwoordigen toestand van de arbei- j
dende klasse vergeleken, een hemel op aarde. Ze kon voor-
eerst niet anders ontstaan dan door onvermogen om gemaakte
schulden te delgen. Ze kon ten tweede niet langer dan zes
jl
7;.