HomeFrieslands slikgeldmillioenen aan hunne bestemming onthouden, eene grove onwaarheidPagina 36

JPEG (Deze pagina), 767.24 KB

TIFF (Deze pagina), 5.66 MB

PDF (Volledig document), 39.06 MB

34
strijd geacht met de algemeene belangen van den geheelen
veenkring. j
Na het besluit der Staten in zake de bepoldering en .
droogmaking van een gedeelte van denzelfden veenkringv
(Not. der Staten, Zomerz. 1890, blz. 160), schünt aan
laatstgemeld bezwaar, na veertien jaren täds, niet meer p j
te worden vastgehouden.
De vraag, die gg verder doet, ,,of het in ’t publiek ,
belang niet beter ware geweest, de aangevraagde slikgelden
wel uit te keeren, maar onder beding, dat vooraf het noo­-
dige tot versterking van de dijken of bemaling werd ver- 0.
richt", moet m. i., met het oog op den inhoud van art. 10
van het Veenreglement, ontkennend worden beantwoord.
Komt dergelük verzoek echter in, dan behoort het aan `
de Staten, dienaangaande te beslissen. Q
de door U uit art. 2 aangehaalde woorden hebt gij
de büzondere aandacht op het woordje steeds willen doen
vallen, door het niet eene zwaardere letter te laten drukken. l
Ook aan ’t einde van uw stuk hebt ge dit laten doen.
Als gij daardoor als uwe meening hebt willen te kennen ‘
geven, dat een veenkring steeds, d. i. altijd en in zijn geheel, Y
zal moeten worden bepolderd, dan geeft gij daarmede aan ~
dit woord eene veel te wijde strekking, omdat het een
1 onzinnig begrip zou zijn, voor te schrijven, om b. v. den A
i bovengemelden veenkring in Svvzdllilzgerlcmrzd en zooveel
j anderen, geheel te omdnken en droog te maken. Leest. "
l men art. 2 in verband met de verdere van het reglement,. _
dan ligt daarin duidelijk geene andere bedoeling, dan
j dat de slikgelden moeten dienen tot bepoldering, droog-
E x