HomeKloosterleven ontmaskerdPagina 95

JPEG (Deze pagina), 0.99 MB

TIFF (Deze pagina), 5.76 MB

PDF (Volledig document), 109.03 MB

we ‘‘ ­ ‘‘‘’ ?-=*¤ *~»*·i . w ~ · ‘‘‘‘ ‘ ’ ,
we e
ni
. _ 86
N vele zonden bedreven door blinde gehoorzaamheid, maar
indien ik eene van die goed kan maken door u de vrijheid
te geven, wil ik dat doen, want ik kan u hier niet houden,
* _ om het vreeselük lot te ondergaan, dat u wacht, ofschoon ·
. i Aartsbisschop Mc. Oloskey mij er zwaar voor zal doen boeten."
jj A Op den avond van den vierden dag opende zij dus de deuren I
lë§' van het klooster voor mij en gaf mij ook twee pond (f24c). .
In dien tijd hoorde ik van Rev. Dr. H. Mattison. Ik ging
fi hem opzoeken in zijne woning in Jersey Oity;_ hg was de
eerste protestomtsche predzlcam met www tk oow gesproken V
,; had. Hij verlangde, dat ik de Roomsch Katholieke leer zou
gj afwerpen en aan de wereld de huichelarij van die leer zou
W bekend maken. Ik zeide hem, dat indien de waarheid niet
, in de Roomsche kerk was, zij dan nergens zou te vin-
jjj den zün, en dat er dan ook geen God was. . ,,Wanneer de
W Heer het huis niet bouwt, tevergeefs arbeiden de bouwlie­
e den." Ik kon het juk van het Romanisme niet afschud­ j ,
j ` den, met al zijne dwalingen en bijgeloof, voordat de Heer
X , de ketenen verbrak.
J In den. tüd, waarin ik Dr. Mattison sprak, had ik het ge- ‘
tï loof in het wezen Gods of in de werkelijkheid van de eeu-
. wigheid verloren. Ik voelde mijne ziel nederzinken in de
Qj donkere zee van het ongeloof. De Roomsohe godsdienst
scheen mij zelfs een verdichtsel en eene spotternij toe, na<
tuurlijk moest iedere godsdienst dit dan zijn. Gedurende
, . drie weken leed rnüne ziel de vreeselijkste beproeving en ,
Qj. gevoelde ik mij onuitsprekelijk verlaten. Gelijk de dag zon-
Q~§‘ · der de zon een eindelooze nacht zou zijn, zoo is ook de
ziel des menschen zonder God eene eindelooze hel. Ofschoon
gi ik diep nederzonk in den nacht van het ongeloof, kon ik
inüzelve niet redden - en konden de menschen mij dan Al
uit dit vreeselük verderf opheffen? Neen, neen, hunne po- ·
· gingen waren vruchteloos. Maar dank, eeuwige dank aan E
lil het teeder mededoogen van een lankmoedig en altijd barm­ R
hartig God, er werd een Almachtige arm uitgestrekt, en *Y'·
ik werd opgeheven uit de duisternis, niet plotseling, maar
langzamerhand, stap voor stap kwam ik door het lüden ‘
` j heen, en ik bert ten laatste gered en verheug rnü in een q
·?l. nieuw leven. i
gg · Aan alle züden onder een zwaren last neergebogen, wist j
ik niet, waarheen mij te wenden. Ik kon niet naar vrien­ j
li? .
a 1
l
`°l"l‘L~ Y -... _, , , ,_ _, , . , , . m,r,,,,,,,,n;.,3,.i-.