HomeOns belastingstelselPagina 5

JPEG (Deze pagina), 937.08 KB

TIFF (Deze pagina), 6.99 MB

PDF (Volledig document), 15.93 MB

3
bladzegel, de scheepvaartrechten, in-, uit-, en doorvoer-
rechten en enkele accijnsen zijn daaronder te tellen.
De gemeentevvetgever echter alleen regelde het be-
lastinggebied voor de gemeenten naar het beginsel, om
‘ de plaatselijke opcenten op ’s Rijks belastingen te beperken '
. en den weg te banen totide invoering van hoofdelijke
omslagen, die berekend waren naar een redelijken maat-
_staf van het inkomen der belastingschuldigen en de rechten
en loonen voor het gebruik van openbare gemeentevverken
enz. te beperken tot den kostenden prijs van aanleg en
onderhoud.
· De grondwet van 1848 bracht de uitoefening van het i
kiesrecht in rechtstreeksch verband met den aanslag in
’s Rijks directe belastingen en de kieswet regelde dat recht
in de veronderstelling, dat kiesbevoegdheid zoo na mo-
gelijk zou staan met de draagkracht der belastingschul-
, digen en derhalve kiesrecht moest rusten op billijken
aanslag in ’s Rijks belastingen: dat recht in verband met
belastingaanslag. l
Afschaffing van plaatselijke accijnsen was voorzeker
in overeenstemming met eene d`oeltrel`fende regeling van
het verband tusschen het Rijksbelastingstelsel en dat der
gemeenten; maar de groote misstap der Staatsgreep van
1865 lag juist daarin, om het aequivalent te vinden in
een Rijkssubsidie, die de schatkist beroofde van een on-
berispelijke bron van inkomsten en als algemeene maat-
regel een subsidie schonk aan gemeenten tot een bedrag,
‘ dat buiten verhouding stond tot het door afschaffing van
plaatselijke accijnsen geleden verlies, wellicht ook soms
_ ,. pt zonder verlies.
E. En dat subsidie uit ’s Rijks schatkist bestaat in bijna
de geheele opbrengst van de Rijksbelasting op_het per-
£ soneel in hoofdsom en opcenten (tf; vrij van de kosten
% der perceptie die het Rijk van het overige g alleen be-