HomeWat zou toch het doleeren beteekenenPagina 8

JPEG (Deze pagina), 0.98 MB

TIFF (Deze pagina), 7.75 MB

PDF (Volledig document), 32.59 MB

[ , ,
k T
E i l
ë 6
S, · l
~ schrüvers heeft echter de christelijke godsdienst in den loop des
F tijds veel geleden, en zou zelfs in de eerste eeuwen door men- `
j schelijke toevoegselen den oorspronkelüken eenvoud zün geschaad.
De beroemde MERLE 1ï>’AUBiGN1á meende over het algemeen
hoofdzakelijk drie godsdiensten te kunnen onderscheiden, name- d’
lijk: een uit God, een ~van den mensch en eindelijk een van
è den priester. Het is wel te betreuren dat men de christelijke
G gemeenten niet meer en levendiger aan soortgelüke onderscheiding
J _ en aand de bestaande ontaarding herinnert, opdat zij zelfstandig e
W leerden oordeelen en, in plaats van zich met nietige büzaken l`
büzonder druk te maken, staan naar een innige vereeniging met
den Heer der gemeente.
9 Dat men, na een christelijke opleiding te hebben genoten, hui­
jf verig is in meer dan gewone betrekking te komen met personen
` die een godsdienst belijden, staande buiten het Christendom,
laat zich billijken; maar om scheiding voor te staan bij gering
verschil van meening, of waar gebrek aan licht of kennis in
ondergeschikte vragen bestaat, is zeker niet in den geest van J
4, den Stichter van het Koninkrijk Gods. _
Bü den roem, die de eeuw waarin wij leven zich zelf toeschrijft,
blükt echter weinig van den voortgang in onderlinge welwillende
‘ waardeering, in het betoonen van liefde tot de volgelingen van
Hem, die niet alleen de eendracht, maar ook de zelfverlooche-
ning als ihet merkteeken en als de vrucht van Züne leer aanbeval. .
p Al openbaarde zich het betoon van genegenheid alleen slechts, ’
om der wille van Hem die het geboden heeft.
Toen de Heiland op aarde was hoorde men door niemand aan
Hem vragen, welke godsdienstige gezindheid, der toen bestaande,
beter was, de eene of de andere, ­- dan alleen door een
onwetende, lang niet stemmig levende vrouw, als zij sprak: l
,,Onze vaders hebben op dezen berg aangebeclen, en gülieden l
zegt, dat te Jeruzalem de plaats is, waar men moet aanbidden." kil
Jezus zeide tot haar: ,,Vrouw! geloof Mij, de ure komt, wanneer
gülieden, noch op dezen berg, noch te Jeruzalem, den Vader
‘ zult aanbidden. Gijlieden aanbidt wat gij niet Weet; wü aanbidden
·
ll