HomeBegrip en dogma in de rechtswetenschapPagina 23

JPEG (Deze pagina), 1.02 MB

TIFF (Deze pagina), 8.44 MB

PDF (Volledig document), 33.76 MB

Q
T .
s
'
S . t .
j 21
Y .
l zou zün, wanneer de wetgever invloed ging uitoefenen op
deverdeeling der rijkdommen.
Meer in het bijzonder verschanst zich de bestreden leer
j ‘, in het contractenrecht. Al geeft men toe, dat zakenrecht
en erfrecht nog wel blijken dragen van inmenging des wet-
j gevers, men beweert toch, dat bg de overeenkomsten de
E wet niet regelen moet, maar vrülaten, door eenvoudig alle
contracten te handhaven, die de burgers met elkaar sluiten.
Aangenomen, de wetgever beperkte zich inderdaad tot het
T stellen van dien regel, dan nog ware het slechts een logi- i
. sche kunstgreep te beweren, dat hü niets doet, dat zün
Q zwijgen nooit onrechtvaardig kan zijn. Waar de Romeinsche i
X jurist zegt: ,,in emendo et vendendo naturaliter concessum
l est invicem sé circumscribere" - eene plaats, die aanlei-
If ding mag hebben gegeven tot de uitspraak, dat het Ro-
i meinsche Recht is een recht van roovers en dieven ­- daar
sanctioneert hij zeer zeker niet bedrog en kwade trouw,
maar hij erkent, dat overweldiging van den zwakken door
, den sterken, van den eenvoudigen door den sluwen con-
l . tractant is toegelaten. De enkele regel: ,,alle overeenkom-
Q sten moeten worden nageleefd", zou reeds een machtigen
socialen invloed uitoefenen. Doch onze onderstelling faalt.
De wet laat het niet bij die formule. Vooreerst worden tal
van overeenkomsten nader geregeld, de verplichtingen der _
i [ partijen omschreven. Al veroorlooft dan de wet afwüking,
haar woord is niet zonder beteekenis; wie het contract sluit,
D, behoeft niet alles zelf te bepalen; hij kan op zijne hoede
W zijn, wanneer de tegenpartij eene andere regeling voor de
wettelijke in de plaats wil schuiven. Doch in vele gevallen
5 gaat het recht verder. Waar het meent, dat de eene partij
l steeds is de zwakkere, blootgesteld aan onderdrukking en
l
l