HomeDe bewaring van de vaderlandsche kerk in 1588, 1688 en 1888Pagina 19

JPEG (Deze pagina), 888.87 KB

TIFF (Deze pagina), 8.00 MB

PDF (Volledig document), 20.26 MB

M
l
. . ii
.l

ï7
die steeds ontkent en de banden van Christus wil verscheu-
. ren. Velen keerden tot de verlatene bedehuizen terug; het
` woord des Evangelies wordt veel hooger gewaardeerd; de
liefde tot de zichtbare kerk nam merkbaar toe; de getrouw-
heid aan de beloften, waarmede men zich aan haar verbonden
had, werd door de verzoeking gelouterd, gesterkt, geheiligd in
eene vernieuwde overgave aan Christus, als het eenig hoofd Q
{_ zijner duurgekochte gemeente. "
V Vele hoogst belangrijke rechtsvragen werden langen tijd be-
· antwoord met een onzeker misschien, en ook mij scheen in
vroegere dagen de Kerkvorm wel eens gelijk aan een inge- i
bogen wand, niet bestand tegen een windstoot. Maar de
onzekerheid der kerk op rechtsgebied werd opgeheven; hare
stelling tegenover het burgerlijk recht bleek vast te zijn;
hare uitwendige inrichting hield stand. Schoon overgelaten Y
aan zichzelve, schoon van binnen bestookt en van buiten 4
I niet verdedigd door een koninklijk leger of door een prinse­ F
" lijke vloot, zelfs niet door eenige burgerlijke macht, heeft zij
door de kracht, die in haar woonde en die in haar kwam,
door zedelijke en geestelijke krachten, getoond zich zelve te E
. kunnen handhaven, en sterker dan ooit is zij uit de beroe-
ring te voorschijn gekomen. Zij werd bewaard door haar
_ Hoofd, opdat Hij haar zulke vruchten geven zou.
_ ‘ En ja, ook de allerbeste vrucht zie ik groeien. Verlossing
is altijd iets meer dan eenvoudige herstelling. Als de Heer
bewaart, dan schenkt Hij ook vermeerdering van geestelijke
gaven. Houdt Hij zijn werk in het leven, dan geeft Hij ­
i ` ook leven aan en door zijn werk. En dat leven ·­, wat is
` ­ het anders dan opwassen in de kennis en genade van Hem-
j C zelven, dan toeneming van het besef: Hij moet wassen en
ik minder worden? Belijdenissen zijn noodzakelijk en Kerk-
ordeningen zijn onmisbaar; maar afgescheiden van den levenden
2
l
i l