HomeOver individueelen en gemeenschappelijken eigendom aan arbeiderswoningenPagina 45

JPEG (Deze pagina), 0.96 MB

TIFF (Deze pagina), 8.41 MB

PDF (Volledig document), 62.43 MB

I
*
41 i
Z doen; dezelfde personen, waarvan men vreest dat zij hun indivi- i
T dueel eigendom zullen misbruiken, maken ook de maatschappij uit. I
Ik begin met de waarde dier opmerking te erkennen; doch ik
geloof tevens dat, bij nadere beschouwing, er veel van verloren gaat.
Er is ten eerste een middel om een goeden geest wakker te houden. _
[ Om den bouwgrond te koopen en de woningen te bouwen zal
eene arbeiders-vereeniging niet genoeg geld hebben uit haar eigen; {
I zij moet geld opnemen van anderen. In den regel zal een beroep
op de meergegoeden worden gedaan om (tegen rente) te leenen.
Indien nu die anderen, in plaats van individueel te leenen, op hun
beurt eene vereeniging daartoe vormen; dan zal er van het bestuur ' l
, der geldsehietende vereeniging zeker een krachtige drang tot
{ instandhouding van het oorspronkelijke plan uitgaan; hetzij een 1
J drang gesteund door de voorwaarden waaronder het geld is geleend (
ig geworden; hetzij een bloot rnoreele drang.
; Het bestuur dier vereeniging zal ook ongedwongen; als van zelf, (
_; goeden raad geven in tal van aangelegenheden; (1) het zal de te
_ leenen sommen naar de behoefte kunnen uitgeven; opdat niet de
1 vereeniging der werklieden te veel geld op eens in handen krijgt (
en te veel bouwt.
Door de aflossingen zeer beperkt te stellen kan men dien invloed
zeer langdurig maken.
’ Zulk eene vereeniging ­ laat ik dat hier tevens bijvoegen,
hoewel dit punt mijn eigenlijk onderwerp niet raakt - kan tevens l
uitwerken dat de arbeiders gemakkelijker aan geld komen. Haar
_ bestuur kan; zoo noodig in rechten optreden om rente en aflossin­
gen op te vorderen; het kan het geld op ,;hypotheek" uitleenen, I
alles wat den enkelen geldschieter mogelijk doch zeer bezwarend is. ‘
Bij de vereeniging van arbeiders welke te Leeuwarden wonin- i
) gen heeft gebouwd, de vereeniging ;;help U zelven", bestaat er l
' · eene commissie uit de geldschieters welke voor dezen de geldelijke
belangen behartigt. De geldschieters vormen daar echter geene
vereemging wat mij, als gezegd; beter voorkomt.
I · Doch, dit is de tweede tegenwerping, ook zonder den invloed _
j van de geldschieters; is er m. i. veel meer waarborg dat 100 per-
g sonen niet hun gemeenschappelijk werk zullen ornverwerpen, dan
(1) Zouden die beide besturen niet ook met vrucht kunnen optreden bij verschil
{ tusschen patroons en arbeiders, als 'vertrouwde personen van de beide kanten?
i -;
1 ( 5
e l
l N E { ­ I/ig