HomeOver individueelen en gemeenschappelijken eigendom aan arbeiderswoningenPagina 38

JPEG (Deze pagina), 0.97 MB

TIFF (Deze pagina), 8.27 MB

PDF (Volledig document), 62.43 MB

.4,
· ,<
{Q
34
Wil men den individueelen eigendom, dan moet men deze beper-
king óók mede in den koop nemen; de ondervinding te Mühlhausen
` heeft geleerd wat de vrijheid van het elfde jaar oplevert.
Wellïe is nu de kracht van deze voorwaarde? jï
Ik geloof dat die gering is.
Ik veronderstel dat de voorwaarde zoo werd geformuleerd dat, _`
indien de eerste eigenaar de woning niet aanbiedt, de maatschappij
niet alleen een actie tot se/mdevergoedtrtg heeft tegen dien eigenaar ,
die de voorwaarde overtrad, doch de womïvg zelf kan terug-
krijgen; daarop toch komt het aan.
Maar zal, indien het aanbod niet wordt aangenomen en dus de
woning in handen van een tweeden kooper is, ook deze gehouden
zijn om, bij verkoop, züveretids, de woning aan te bieden? Dat j
hangt weder af van de beantwoording der vraag: of ,,cZercZen" ge-
bonden kunnen worden door contracten; ik herinner aan den strijd
over die vraag. i
Is het antwoord ontkennend, is die tweede eigenaar met gebonden, "
dan kan die voorwaarde alleen iets uitwerken, indien bij elicerz ‘
voorgenomen verkoop de maatschappij de woning overneemt, ook g
al is er niets te verbeteren; want zij moet met een volgenden
kooper contracteeren, opdat er een rechtsband kome tusschen haar
en hem, waardoor deze op zijn beurt gebonden wordt.
Of de maatschappij telkens daartoe genegen zal zijn, is te be- lv
twijfelen; doch zonder dat ..... geen uitwerking.
Men houde vooral in ’t oog dat herhaalde overdrachten tusschen der-
den wel te wachten zijn als eenmaal de woning een speculatievoorwerp
is geworden; vooral thans, nu de rechten op hernieuwden over- l
gang binnen het jaar slechts eene kleinigheid bedragen, nl. met `ir
de overschrijvingsrechten ten hypotheekkantore 1 procent. Die l
derde kooper kan ook een helper zijn, alleen om dien ander van
de voorwaarde te verlossen; door het geringe bedrag, zal de be- ‘·
lasting niet terughouden van een dubbelen overgang, indien daar- ,
door de eigenaar wordt bev-rijd van tal van beperkende bepalingen.
Het komt mij tevens voor dat deze voorwaarde te beperkt werkt
omdat de overgang, die een gevolg is van de utrechtsche verzeke- `
ring, niet door haar wordt getroifen. Die overgang is geen over- ·
dracht door koop. Misschien heeft het utrechtsche rapport, met
opzet, het aanbieden beperkt tot verkoop; het zoude ook wel wat
vreemd zijn, om eerst te bevorderen dat de woning aan een be- H ‘
ë