HomeOver individueelen en gemeenschappelijken eigendom aan arbeiderswoningenPagina 15

JPEG (Deze pagina), 968.33 KB

TIFF (Deze pagina), 8.35 MB

PDF (Volledig document), 62.43 MB

l
` ll
.‘_ verhouding gelijk gebaat. Maar het geval wordt iets anders, indien `
het blijven van den werkman een gevolg is van een omstandigheid
geheel vreemd aan het dienstcontract.
De vrijheid van den arbeider wil ik alleen zien bewaard, opdat
hij die vrijheid in zijn schaal kan leggen als hij met den patroon, ` J
over de voorwaarden van het dienstcontract, aan ’t_wegen gaat. (1)
5, De aanhoorigheid, de glebae adscriptio (gebonden zijn aan den
grond waar de onvrije werd geboren), hing te zamen met den
toenmaligen rechtstoestand van de maatschappij; `de heer moest
zorgen voor zijn onderhoorigen. Nu die wettelijke gebondenheid ‘
heeft opgehouden, zorge men er voor om niet de reeds feitelijke
gebondenheid te vermeerderen; terwijl een aanvulsel, het genees-
middel, in ons geval een wettelijke plicht om te zorgen voor de
j bewoners, thans ontbreekt. -
Even gunstig kan deze eigendomsvorm werken bij verhuizing
in de stad zelf. Indien de maatschappij op meerdere punten van
eene stad woningen heeft, en een arbeider wil verhuizen b. v. om
M; nader bij het werk te zijn, hoe gemakkelijk en voordeelig is het
Y dan niet, als hij kan ruilen.
i Te Parijs wil men een groote maatschappij, de société parisienne
, des habitations économiques, oprichten met individueele eigendoms-
D verkrijging. Lavollée vreest echter zeer of de parijsche werkman . I
if wel gediend is van dien eigendom; hij moet te dikwijls verhuizen
j­ om zijn beroep uit te oefenen, dan dat hij door eene woning gebon-
den kan zijn. (2)
lj Worden er woningen gebouwd van verschillende grootte, zoo
i kunnen tevens de gezinnen naar behoefte wisselen. (3) -
Men doet mij misschien opmerken dat, in het geval van overname,
de maatschappij, voor teruggaande tijden, wel altijd het recht zich `
‘ zal moeten voorbehouden om dat niet zoo voetstoots te behoeven te
doen. Die tegenwerking acht ik gegrond; ik geef ook toe dat ik daar-
mede tevens erken dat dan een groot voordeel wordt opgeheven. Doch,
(*1) Evenzoo zoude ik den fabrikant afraden om op het fabrieksterrein woningen
te stichten met eigendomsverkrijging, zooals wel gebeurt. Dan wordt de patroon te
{M afhankelijk en is niet vrij. Om dezelfde reden zoude ik den contract­breuk gestraft
willen zien; zonder een dwangmiddel vermindert voor den patroon de zekerheid dat
het contract ook van de andere zijde zal worden uitgevoerd.
(2) Rapport van het `Veroin l'. S. P. ll, pag. 47.
(3) Zoo ook llitze.