HomeArtikel 194Pagina 96

JPEG (Deze pagina), 635.61 KB

TIFF (Deze pagina), 5.91 MB

PDF (Volledig document), 63.58 MB

90
vorderde de regeering de nieuw ingelasehte zinsnede - »Er
wordt overal in het R§k" enz. van vierde tot derde lid. 1
Na al deze kunstbewerkingen vond de meerderheid der
Tweede Kamer het artikel dubbelzinnig genoeg om zonder
gevaar in de nieuwe Grondwet opgenomen te worden, en
sukkelde het langs den voorgeschreven weg verder, totdat
het eindelük als treurig staaltje van halfslachtigheid onze `
hoogste staatswet ontsierde.
Ziedaar in al haren eenvoud de lädensgeschiedenis van
- artikel 194. Het maakt een hoogst komieken indruk, thans
personen, die liberaal willen lieeten, met hand en tand
aan artikel 194, en vooral aan het derde lid te zien
vasthouden, ofschoon de liberale commissie van 17 Maart
1848 het wegliet, en het liberale ministerie er toen eerst
na herhaalden. aandrang in berustte.
Voorts verdient opmerking, A dat Thorbecke in de
i Proeve -­ m. a. w., toen hg slechts met eigen inzicht
te rade had te gaan -e het geheele vraagstuk van het onderwüs
aan den gewonen wetgever ter beslissing overliet. Hetzelfde
willen thans de antirevolutionaire leden der Commissie De
Geer en Lohman 2; en hetzelfde wil mr. Farneombe Sanders,
zeker niet de minst vrüzinnige hunner ambtgenooten 3.
‘ Zonderling! »Vr§heid van onderwns was eene leus ge-
worden voor twee zeer uiteenloopende partijen", deed de
V 1 Bladzij 636.
T 2 Verslag, bladzij 70. Ook mr. Beelaerts, blijkens bladzij 85. t°
3 Bladzij 82.