HomeArtikel 194Pagina 87

JPEG (Deze pagina), 702.33 KB

TIFF (Deze pagina), 5.91 MB

PDF (Volledig document), 63.58 MB

fx
j si W
» De regeering meende op die wijs het juiste midden te i,
houden. »Ook bij de voordragt van dit wets­ontwerp" -­- i
j zeide ze in haar Memorie van Toelichting -- >>mag de
Regering zich verheugen de aandacht op het voorstel der
j Commissie van 17 Maart jl. te hebben gevestigd. Ofschoon E
toch de gevoelens ten opzigte van het onderwijs aanmer-
l kelijk uiteenloopen; sommigen eene volkomen vräheid
à wenschen; anderen alleen aan de Regering het beheer
j over het onderwijs willen hebben toegekend; weder ande- ,
ren hemelhoog verheffen de wet van 1806 en de uitkom-
sten, die dezelve heeft opgeleverd; nog anderen die wet
als een voortbrengsel van eenen reactionnairen geest ver-
werpen, en den lof, aan het lager onderwijs hier te lande
gegeven, als overdreven beschouwen; - ofschoon sommi-
ij gen in het voorstel der Commissie de zaden van tweedragt
j en religiehaat zien; anderen daarentegen het middel om `
J nuttigen vooruitgang te bevorderen en alle spanning weg j
j te ruimen, - zoo heeft toch de Regering de overtuiging j
· « gekregen, dat zij door het ontwerp, zoo als het thans ge-
l wijzigd wordt aangeboden, den middenweg heeft gekozen, ;
welke tot bevrediging kan leiden, indien slechts de grond- ` _,
slagen, hier gelegd, met beleid worden ontwikkeld".
Iets verder: >>Had [de Regering] uitsluitend het regt, om
onderrigt te doen geven, dan· ware er inderdaad een
monopolie ontstaan, een regt van uitsluiting, en dat was,
men moet het erkennen, de strekking der wet van l806".
Nog iets verder krijgen we uitdrukkelijk te lezen: »De
Regering, zij erkent het gaarne, gaat nu af van een
stelsel, dat vooral in den aanvang goede vruchten heeft
6
. Qa,. · ’ Ei r; . 1 . A ‘ ‘** -·-· ll