HomeArtikel 194Pagina 82

JPEG (Deze pagina), 628.64 KB

TIFF (Deze pagina), 5.79 MB

PDF (Volledig document), 63.58 MB

76 j
Reeds vroeger heeft de Kamer den wenseh geopen-
baard, dat hetzelve bij de wet worde geregeld, en men
meende dat de Grondwet daartegen niet in den weg stond;
zoo als onder anderen kan blijken uit artikel 143, alwaar l
van de wetten opzigtelijk het openbaar onder-
wijs is gewaagd. Eenige leden keurden de opname in de
Grondwet van de bepaling, dat de wet het onderwäs
regelt, wel goed, doch zü aehtten de woorden: met eer- j
biediging van ieders godsdienstige begrippen s.
overbodig. Dit ligt, meenden zij, in den aard der zaak, en 1
behoeft niet te worden uitgedrukt". Wat artikel 226 aan- _
gaat: »Men heeft de noodzakelijkheid der verandering niet {
ingezien; men kan niet begrijpen, dat in de aanbeveling
van de opvoeding der arme kinderen aan de aanhoudende
zorg der Regering, een gegrond bezwaar tegen art. 226
gelegen zou kunnen zijn" 1.
Het antwoord luidde: »Opvoeding en onderwijs x
wenschen wij niet te zien verwarren. Armoede der ouders
is geene reden, dat de regering zich menge in huisselijk i
regt". Met betrekking tot artikel 224 deed Thorbecke op-
merken: »Is het genoeg dat de Grondwet niet verbiede
het onderwijs bij de wet te regelen, wanneer regeling bn
de wet noodzakelijk is? Sommigen duchten eene wet, de-
wijl zij vreezen, dat het voorschrift: met eerbiediging
van ieders godsdienstige begrippen: niet zal
worden betracht. Anderen houden die betraohting zelfs
voor onmogelijk, of althans niet voor wenschelijk. Van daar
lläladzij l53. l j
l