HomeArtikel 194Pagina 46

JPEG (Deze pagina), 667.11 KB

TIFF (Deze pagina), 5.97 MB

PDF (Volledig document), 63.58 MB

je 40
Ghristel§k­Zedel§ke en Godsdienstige strekking" van de vorige
onderscheidde 1. »Neutraal" was de school van 1806 in
l ’t allerminst niet. Zij was »christel§k" ; zelfs ademde een `
" protestantsch­ehristel§ken geest. Van den Ende, haar groote ll
man, was oud-predikant. Onder de 58 sehoolopzieners,
i die op zün voordracht benoemd werden, waren 39 predi-
‘ kanten en *1 hoogleeraar in de godgeleerdheid tegen 3 pastoors.
i Neemt men nu in aanmerking, dat achter de namen van
2 leeken uitdrukkeläk vermeld staat, dat katholiek waren,
( dan zal men de *13 overigen wel voor protestantsch mogen
{ houden 2. Een corps van 58 leden bestond dus uit 53
Protestanten en 5 Katholieken. De Israëlieten kwamen
· toen ter tüd nog in ’t geheel niet in aanmerking; en per-
1 sonen, tot geenerlei kerkgenootschap behoorend, waren
zoo goed als onbekend. ‘;
Toch voldeed de wet van 1806 geenszins aan de eischen j
aller christelülvgeloovigen. Van den beginne werd door ,
‘ de meer rechtzinnigen onder de Gereforrneerden strijd .
tegen haar gevoerd, en dat dezen in 011ZG dagen de school
‘ van 1806 als >>de school, waaraan de natie gehecht is",
voorstellen, mag dan ook slechts betrekkelijk juist heeten.
[ De natie - wel te verstaan het rechtzinnig gereformeerde
* deel der natie ~ zou tegenwoordig de school van 1806
r misschien met voldoening aanvaarden. Toen dat deel der
natie haar bezat, was het ondankbaar en onvoldaan.
l 1Van den Ende, bladzij 45. Zie ook artikel 8 en 11 der Ve1‘01‘denin­ ·
gen op het afnemen en afleggen der Examens, enz.; artikel 6
der Algemeene Schoolorde, enz.
2Mey1i¤k, bladzij 1.20 vgg: en 174 vgg:.
. ` °«
l .
känïln " Y L"Y""