HomeBeschouwingen over art.168 der Grondwet en de voorstellen tot herzieningPagina 62

JPEG (Deze pagina), 610.71 KB

TIFF (Deze pagina), 5.41 MB

PDF (Volledig document), 46.59 MB

>
D ` *‘
) 56 _
H niet, welke eindelooze kwesties en proceduren reeds
achter die enkele vragen verborgen liggen? En nu
doelde ik nog maar alleen op de Hervormde ,,gezind­ '
heid". Maar dan de overigen! t
De Roonischgezinden? En de Lutherschen, en de
andere protestantsche gezindheden? En. de Joden?
4 Heeft de Staat ook van dezen wellicht goederen ge-
naast, en zoo neen, waar blijft ge dan met uw ,,reoh-
H tens verschuldigde" en met uw ,,rechthebbenden",
H eenmaal het beginsel aanvaard zijnde, dat daarin ligt
r _ opgesloten, en waaruit alléén immers uw eisch van
, afrekening kan voortvloeien? Dit toch is duidelijk: . ‘
l van teruggave kan geen sprake zgn, waar niets werd
l genomen.
H Maar ten derde. Minstgenornen, heb ik gezegd, is ,0
het belwistbaar, dat de voortdurende uitbetaling door
V ,» den Staat van al de door art. 168 gewaarborgde sub- j
sidiën in juridisohen zin zou gegrond zgn op verkre-
gen rechten. Dit geldt natuurlük eveneens van den
_ eisch om de rekening op welke wijze dan ook in eens .
voor goed af te sluiten ,,na uitbetaling aan de recht- .
· hebbenden van het rechtens verschuldigde? Ik be-
hoef mij in deze rechtskwestie hier niet te verdiepen.
U
ig boven alle bedenking verheven , dat zij nog zeer onlangsiweder op de rechte
1 « j wijze beoordeeld is door den heer E. Cásm Snenns, als hij zegt: ,,Ook
ll , thans kan de vraag: in welk verband staan de locale Gemeenten tot de
Kerk in haar geheel? niet anders beantwoord worden dan: niet als
zelfstandige licharnen.. . maar als deelen van een gehee1." De verlzau-
,Q; ding van de locale gemeenieu enz. bl. $1.
ll