HomeHet "slecht" beheer der Maatschappij tot Exploitatie van Staatsspoorwegen naar aanleiding van het artikel: De staatsspPagina 43

JPEG (Deze pagina), 857.27 KB

TIFF (Deze pagina), 7.26 MB

PDF (Volledig document), 50.13 MB

l
2 M g
2
i Zeeland putte. Hü veroorlove mij op te merken, dat ik
j geloof het voor de Maatschappü Zeeland en voor ons land g
‘ niet is te betreuren geweest, dat naast het «beleid der T
Zeeland» ook wat oud­hollandsche vasthoudendheid en `i
Q, vertrouwen op goed recht der Exploitatie­Maatschappij
heeft gestaan.
Dikwerf moesten wij den heer VAN DER GoEs wijzen op
schermen met onjuiste cijfers. Zoo kras als hier echter
nergens. De hoogste bruto-ontvangst van het Engelsch
verkeer was zes ton. Dit verkeer is zeer zeker als
exploitatie het duurste van allen. En nu zegt de heer
VAN DER GoEs, dat de nett0­ontvangst een half millioen
. is. Dus exploiteeren voor zeventien per cent?
` ` Wij zullen nu den heer vAN DER GoEs niet langer op ‘
den voet volgen.
Hij geeft midden in zijn opstel - zoodat men onwille- i
keurig aan des Pudels kern denkt - de remedie tegen
al het <<slechte>> beheer der Exploitatieanaatschappij. Dit
zal als nachtnevel voor de opgaande zon verdwijnen,
F zoodra de Begeering maar een Adjunct­rijkscommissaris p
g benoemt. j
l Een van twee, die heer adjunct zal meer van de exploi-
tatie weten, dan de Directeur-Generaal der Maatschappij. _
En dan zou ik den man liever als zoodanig aanstellen, in
j de plaats van zijn minder bekwamen voorganger. Of wel
hij weet er minder van. En zou hij dan niet een beetje - ,
it veel, door zijn misschien minder grondige kritiek en i
ondoordachte vragen, van den tijd van den Directeur­Gene-
'_ raal nemen, dien deze beter zou kunnen besteden?
‘l De verhouding tusschen den Rijks-Commissaris en de p D
, Maatschappij is immer eene geweest van groot weder- ,
n l zijdsch vertrouwen. Dit maakt dat die ambtenaar altijd
l volkomen op de hoogte is van alles wat er bij de Maat-
; . schappij omgaat, zelfs dikwerf eerder en beter dan de Q
jl. eigen Commissarissen der Maatschappij, omdat hij veel
* meer in aanraking met de Maatschappij komt. En dat
is zoo het geval geweest van af den aanvang der expl0i­ ï
tatie. En zou dat niet zijne roeping zijn? terwijl een i