HomeEenige opmerkingen betreffende de afsluiting en droogmaking der ZuiderzeePagina 17

JPEG (Deze pagina), 723.78 KB

TIFF (Deze pagina), 6.70 MB

PDF (Volledig document), 11.17 MB

j.
13 ‘
i` Het is niet wel mogelijk de juiste plaats voor den
afsluitdük aan te geven, daar het mij niet bekend is,
` · H in hoever de toestand van den bodem in de laatste
H jaren veranderd is, doch zal tegen de aangegeven
richting in hoofdzaak wel - geen bezwaar bestaan.
` Evenzeer zal de plaats voor de leidammen en of die
binnen of buiten de doorvaart tusschen Noordholland en
Wieringen moeten vallen, evenals het proiiel en de con-
structie van afsluitdijk en leidammen later door specia­ ­
w liteiten in waterbouwkunde moeten worden bepaald.
Het schijnt mij echter toe dat die dijk, als water-
4 , scheiding, niet zóó hoog en kostbaar behoeft te zgn,
. dan wanneer die tot kustverdediging bestemd was.
De kosten van deze afsluiting op nagenoeg 20 mil-
lioen gulden ramende, schijnt dit cijfer in verhouding
tot de voordeelen, die bereikt worden, niet te hoog.
j Eerstens zal 1nen aanzienlijke besparing in de uitgaven
- voor knstverdediging om de Zuiderzee en voor ver-
dedigingswerken in de aangrenzende waterschappen
· verkrügen en een groot gedeelte van Overijssel voor
de groote schade door jaarlüksche overstroomingen
voor het vervolg bewaren. Vervolgens zullen werken ­
tot vereeniging van Holland met Friesland en droog-
making van een deel der Zuiderzee veel minder kost-
ä ‘ baar kunnen worden uitgevoerd en mag 1nen verwach-
ten, dat, nadat de afsluiting tot stand gekomen zal
zgn, particuliere ondernemers zullen gevonden worden,
­ j die, ook zonder rijkssubsidie, de droogrnaking van
een deel volgens het plan van Beüerink of een ander u
" zullen willen aangrijpen en zal dus voor vele jaren
l een bron van arbeid en welvaart geopend worden,
j waardoor de nationale_ rükdom niet weinig zal toe-
jij nemen. Ten derde verkrügt 1nen buiten het voor
i
2 .
j .
l
Ii