HomeDe continuiteit in den ontwikkelingsgang der natuurkundePagina 27

JPEG (Deze pagina), 849.10 KB

TIFF (Deze pagina), 8.32 MB

PDF (Volledig document), 25.74 MB

la
d
j, 25 j
1 r
* V Leerde ons de zooeven geschetste ontwikkeling der warmte- .
_ 1 theorie niet, hoe de belangrijkste vraagpunten het resultaat
dit 1 van nauwkeurige metingen de beslissing aanbracht, hoe het
quantitatief onderzoek veroorloofde dieper door te dringen in
de huishouding der natuur; maar toonde ze ook tevens niet
aan, hoe wg aan de meer waarnemende of wil men qualitatieve
methode _veel te danken hebben, daar deze ons geheel onbe-
kende werkingen leert kennen?
i ' .
, Het ligt in den aard der zaak dat de waarnemende methode
. vroeger de eenige was, zoodat de metende richting, als de jon-
gere, haar goed recht eerst moest bewüzen , maar tengevolge
il harer groote overwinningen is men er wel eenigszins toe ge- '_
, neigd, hare waarde ten koste der waarnemende methode te
1 overschatten. En toch zün beide onmisbaar, en ondoenlük is
s _ het te zeggen wie het meeste bgdraagt tot het vermeerderen
E onzer natuurkennis. Haar beider karakter wordt zeer goed
weergegeven door DU BOIS REYMOND, die denmetenden na-
çu tuurkundige met een vorst vergelijkt , die het hem toevertrouwde j
jj land zorgvuldig beheert, en den qualitatieven experimentator 1
` met een zeekoning, die over onbekende zeeën varende nieuwe
{ eilanden, misschien wel werelddeelen ontdekt. U W
Vergunt me dat karakter door een paar voorbeelden toe te l
lichten. Vóór 1831 waren van den invloed van electrische 1
stroomen op andere lichamen dan magneten slechts een paar 9
· gevallen bekend; 0. a. de afstooting die een koperen ring, ,


. 1
ä
ä
. E