HomeRechtsgeleerde adviezen in zake het kerkelijk conflictPagina 37

JPEG (Deze pagina), 826.23 KB

TIFF (Deze pagina), 7.06 MB

PDF (Volledig document), 41.67 MB

’ n
à_ l
l
‘ r 35
nog voorgeschreven m e d e d e e l i n g aan het daartoe aangewezen
Ministerieel Departement later is vervallen.
Deze goedkeuring mag niet geweigerd worden dan wegens strijd
­ met de algemeene reglementen (Alg. Regl. art. I2 al. 5). Wordt zij
geweigerd, dan kan, volgens art. 14, bij een Hooger Bestuur in
beroep worden gekomen; hiermede is dan echter de zaak ook
uit, zoo als, m. i. zeer te regt, in de 66ë Vergadering der Synode,
zitting 22, pag. 180, is herinnerd.
Wordt de gevraagde goedkeuring dus in hooger beroep ge-
w e i g e r d, dan kan de verordening niet in werking treden; wordt
uw zij toegestaan, dan kan de vernietiging van het daartoe
strekkend besluit niet worden gevraagd.
Is de goedkeuring reeds dadelijk door het eerst-hoogere Bestuur I
verleend, dan laat zich geen enkele bepaling aanwijzen, die aan
eenig nóg hooger Bestuur een regt van `ambtshalve vernietiging
toekent. Dit moge een leemte in de bestaande wetgeving wezen,
zij is intusschen niet te verhelpen dan langs den weg van aan-
vulling dier wetgeving. Het regt tot vernietiging van verorde-
ningen is niet een natuurlijk uitvloeisel van het toezigt op de
‘° nakoming der algemeene wet (vg. Alg. Reg]. 70, 2°.); het zou
zelfs aan den Koning niet toekomen ten opzigte van besluiten van
de Prov. Staten en de Gemeentebesturen, als het Hem bij
art. 133 en 140 der Grondwet niet uitdrukkelijk toegekend was; .
en het zou aan de Synode alleen kunnen toegekend worden, als
,i« men meende dat aan haar in het Hervormd kerkgenootschap een
soortgelijke plenitudo potestatis toekomt, als in de
Roomsch­Katholieke Kerk aan den Paus (Vg. de uitspraak van
’t tweede concilie van Lyons a. 1274, en cap. 5 X de concess.
p r a e b.). (
Is het aangevoerde wáár ten opzigte van verordeningen, die
goedkeuring van een Hooger Bestuur behoeven, het geldt des te I
meer van plaatselijke kerkeraadsverordeningen. Bij afwijking toch
van het Regl. van 1816 heeft het Alg. Regl. van 1852 het ver-
eischte van g o e d k e u r i n g voor die verordeningen laten vallen,
en zulks na rijp beraad en voorbeclachtelijk, door verwerping, in
1
F
I.