HomeRechtsgeleerde adviezen in zake het kerkelijk conflictPagina 36

JPEG (Deze pagina), 800.79 KB

TIFF (Deze pagina), 7.06 MB

PDF (Volledig document), 41.67 MB

34 ‘
zouden in werking treden voordat zij meegedeeld, of voor dat de
ontvangst berigt was ; hetzij: dat zij hun geldigheid zouden ver-
liezen, indien zij niet binnen zekeren termijn zijn medegedeeld. Van
dit alles is niets geschied, en de eenige werking van de bepaling ­
is deze, dat de Kerkeraad, die de mededeeling verzuimd mogt
hebben, zich aan een berisping blootstelt, en aan de toepassing van
tuchtmiddelen, indien hij, des gevraagd, de mededeeling weigert.
Maar al wordt de Kerkeraad gestraft, het reglement blijft gelden.
Is dus het bedoelde reglement een reglement in den zin van
V art. 25, dan moet het meegedeeld worden; door die mededeeling
verkrijgt het Hooger Bestuur evenwel geene bevoegdheid tot ver· uw
nietiging, indien het die niet op anderen grond bezit.
NEGENDE VRAAG.
Kemzerz de Syzzeziale 7'6’g'Zë7lZ6’7lf€7Z aan het Classihaal Besiazer de he-
ï»0ega'heia' loe he1·keraaa’sherlaiz‘e1z, behalve in zake van eeh geschil, ze
vez·zzz'ez‘ige1z ? ‘·
Het Alg. Regl. van 1816 kende de bevoegdheid tot het maken
` van reglementen toe aan de Synode (art. 30); aan de ?rov. Kerk-
besturen (art. 42) ; en aan de Kerkeraden (art. 93). Op al deze
reglementen werd ’s Konings goedkeuring vereischt, zoodat van ·@'
‘ vernietiging nooit sprake kon zijn. De huishoudelijke reglementen
voor Classikale ressorten werden blijkbaar beschouwd als van onder-
geschikt belang. Uit art. 65 juncto art. 67 zou men kunnen op-
maken dat zij door de Moderatorenvergadering konden gemaakt
worden; - van goedkeuring of zelfs maar van mededeeling aan
eenig hooger Collegie wordt echter niet gewaagd.
Bij het Alg. Regi. van 1852, art. 12, verviel natuurlijk "de
K o n i n k l ij k e goedkeuring, om door die van H o o g e r e B e-
sturen te worden vervangen, terwijl ook aan de Ringen het
maken van bijzondere reglementen vergund werd, en de toenmaals
I 1
F