HomeRechtsgeleerde adviezen in zake het kerkelijk conflictPagina 30

JPEG (Deze pagina), 782.93 KB

TIFF (Deze pagina), 6.96 MB

PDF (Volledig document), 41.67 MB

28
geregtigd achten kon, die vergadering te presideeren. Bestond er
nog een Algemeene Kerkeraad, dan was hij zeker, als voorzitter
daarvan, ingevolge art. 27 Huish. Regl. Kiescollegie, de aange-
wezen persoon; maar dan kon er geen sprake zijn van een Class.
Bestuur doende wat des Kerkeraads is, en uitbrengende 80 stem- (`
men; bestond die Kerkeraad daarentegen niet, dan was deze ver-
gadering van II jan. - gesteld, dat het Class. Bestuur er op
verschijnen mogt, om te doen wat des Kerkeraads is, - stellig
niet eene vergadering met den predikant en de overgeblevene
kerkeraadsleden; - en het is alleen op zoodanige vergadering,
dat, volgens art. 1 al. 3 Regl. Kerkeraden, de plaatselijke predi­
kant presideert; - overal elders is het de Praeses van ’t Class.
Bestuur. · 1
’ ZESDE VRAAG. i
Kaa hei zich Ze Amslerzlazzz, 2/blçem ale aldaar bes/aaurle regeling i
mm hel beheer zler herhefeïzrlsezz, alsrbm besehbazc/ea als rleh laslgever i
van zle Cerzmzzksze waa beheer ea zich in dat beheer merzgea? ,
Het woord alsdan in deze vraag slaat kennelijk terug niet
op de onmiddellijk voorgaande vijfde, maar op de vierde
vraag. Aangenomen nu eens (des neen) dat het Class. Best. te Al
Amsterdam ooit wettig kon optreden, om te doen wat des Kerke-
raads is, dan zou zoodanig optreden, waarvoor de bepalingen der 1
kerkelijke reglementen de eenige regtsgrond zijn, toch enkel
en alleen regtsgeldig zich kunnen uitstrekken tot zaken, die vallen _
onder de voorschriften en liggen binnen den kring van die regle-
menten. Het beheer van de kerkegoederen ligt daar geheel buiten;
de bloote bepaling dat het een of ander kerkelijk bestuur daarop
acht zal geven of zich in ’t belang daarvan, waar ’t pas geeft,
met een niet kerkelijk collegie in betrek king zal stellen,
vestigt natuurlijk niet de geringste bevoegdheid tot inmenging; è
men moge betreuren dat dit zoo is, maar het is nu eenmaal niet
anders. Of het, zoolang eene landswet geenen vasten regtsbodem