HomeHet arbeidersvraagstukPagina 11

JPEG (Deze pagina), 797.36 KB

TIFF (Deze pagina), 6.88 MB

PDF (Volledig document), 50.34 MB

'äl
·
kige omstandigheden ook, onafhankelijk van den wil van
het individu.
Zijn de tijden slecht, is er weinig werk voor de werk-
gevers, dus evenzeer voor de werklieden, dan is de arbeid
‘ van beiden minder nuttig ; men begeert hem minder en beider
arbeid daalt in waarde en belooning.
_ Is een werkman bekwaam, heeft zijn meester behoefte
aan diens arbeid en zijn er weinigen, welke dien even goed
verrichten, dan is de arbeid van dien werkman nuttig; hij
_ gevoelt dit evenzeer als zijn meester; de eerste is niet ge-
negen voor gering loon te arbeiden, de andere niet willens
zijn werkman te laten gaan; en, bij vrije overeenkomst,
ontstaat voor dien arbeid een waarde in juiste verhouding
tot deszelfs nnttigheid.
Is een ander werkman lui, onoplettend , onbekwaam ,
dan daalt züne nattigheid ; niemand kan dien man dwingen
voor een gering loon te arbeiden; doch is de patroon niet
genegen hem veel te geven, en neemt de werkman met het
W hem aangebodene genoegen, omdat het hem elders niet
gelukken zal meer te verkrijgen, - dan is wederom, bij
vrije wederzijdsche overeenkomst, de belooning van dien
_ werkman, in verhouding gebracht tot de nuttigheid van zijn
` arbeid.
Waar, bevindt zich dan de exploitatie van den" werkman
· door het Kapitaal, en wie heeft het recht aan een werkgever
toe te voegen: ,,Dezen of genen werkman betaalt gij beneden
,,zQn waarde ," zoolang men geen menschelüke Macht zal aan-
wijzen, die als algemeen regelaar van elke waarde optreedt?
Men hoort op een paardenmarkt bij den verkoop van een
paard wel eens zeggen: ,,Dat dier is gegaan beneden de
,,waarde". - Ei lieve! - zijn zij, die dat zeggen, genegen
meer te geven dan de kooper? - zoo ja, - waarom doen
zij het dan niet ? ­ zoo neen, - en vindt men niemand
bereid op dat oogenblik een hoogere koopsom te geven, ter-
wrjl de verkooper daarentegen genegen is met die som ge-