HomeMarine en kustverdedigingPagina 22

JPEG (Deze pagina), 735.34 KB

TIFF (Deze pagina), 7.59 MB

PDF (Volledig document), 35.24 MB

20 ·
oorlogshandelingen niettegenstaande den g1·ootsten hcldenmoed ,
der ondergeschikten, steeds leidde tot de schroinelijkste neder-
lagen, bewüst de geschiedenis op menige bladzijde. Hiervan N i
doordrongen, zullen wij trachten om beknoptelijk aan te toonen
` . in welke zwakke conditie Nederland in dit opzicht tegenwoor-
dig verkeert. .
De meeningen der deskundigen betreffende de vraag welke
punten van de kust bij een défensieven oorlog versterkt moeten
worden, laten zich samenvatten in de navolgende drie stellingen:
1°. het aanleggen V3.l1l(11SlJVBFSl261‘l{lHgGHlS onnoodig, wanneer
men slechts een voldoende oorlogsvloot bezit.
2°. een oorlogsvloot is onnoodig, want kustversterkingen
bescher1nen op voldoende wijze het grondgebied van den Staat; E
‘ 3°. het aanleggen van kustversterkingen op de gewichtigste A
punten van de kust is noodzakelijk; het zwaartepunt der ver-
dediging evenwel ligt in eene krachtige oorlogsvloot, welke, ,
bestaande uit zich bewegende forten, de zwakste gedeelten
der positiën aanvult. ?
Alleen Engeland, in het bezit der machtigste oorlogsvloot ter
wereld, meende zich tot nog toe te kunnen bepalen, overeen-
komstig het sub. 1 genoemde denkbeeld, om alleen daar kust- i»
versterkingen aan te leggen, waar groote militaire depots zijn
gevestigd of politieke overwegingen het eischen. Al de overige
Europeesche Staten richten hunne kustverdediging in volgens .
het grondbeginsel in de sub 3 genoemde stelling neergelegd, l
welke ook bg ons te lande vurige voorstanders l) vonden en ï
tot nog toe in toepassing werden gebracht. ` T
1) Onze kustverdediging, doo1· J. C. C. Den Beer Poortugaal, Majoor q
' bij den Gen. Staf. s
• g