HomeDe 'Bede' van dr. A. Kuyper, afgewezen door dr. A. W. BronsveldPagina 57

JPEG (Deze pagina), 817.45 KB

TIFF (Deze pagina), 6.96 MB

PDF (Volledig document), 47.54 MB

55
ben ingelicht, geen Protestantsche, laat staan, een gereformeerde,
kerk nog ooit gedacht? Dr. Kuyper is op dit punt niet ,,wèl in-
' gelicht" geweest. Dat komt er van, als men alleen v. Savigny leest
' en verder onderzoek overbodig acht.
Wat Dr. K. een pauselijke aanmatiging noemt, is volstrekt niet
vreemd geweest aan den geest van Calvün. Wel is ’t moeielijk in
den theocratischen staat, dien hij te Genève in ’t leven riep, scherp
te onderscheiden tusschen hetgeen de magistraat en de kerk deed.
Maar een feit is het, dat Calvijn reeds kort, nadat de stad, welker
wetgever hij was, zijn orclemmmces ecclésiastiques, waarbij ook ’t bur-
gerlijke bestuur werd geregeld, had aangenomen, het plan uitte
om een academie te stichten. En aan wie zou deze stichting
onderworpen zgn? De predikanten der stad, de professoren der
theologie en de leeraars der platte landsgemeenten werden ver-
eenigd tot een kollegie, dat heette: Za. vénémble compagnie, waaraan
` alles, wat de algemeene belangen der kerk betrof, ondergeschikt
` was. De theologische studiën werden door dit kollegie geleid, de
candidaten geëxamineerd, de eeredienst geregeld, twisten over de
leer beslecht, vacaturen ve1·vuld onder toestemming van den magis-
traat en het volk. De wetten, waarin die bepalingen voorkomen,
werden in 15-42 te Genève ingevoerd. 1) Toen bestond er echter
nog geen akademie, maar dat zij verrijzen moest en zou, dat stond
bü Calvün vast. In 1552 kocht de Raad der stad een universiteits-
gebouw. Inmiddels was Calvün zelf reeds begonnen theologische
kolleges te geven, en toen de tijdsomstandigheden voor het kleine
maar van vele vijanden omringde Genève eenige verlichting brachten,
vroeg hij verlof om persoonlijk een kollekte langs de huizen te hou-
den, en toen dit eenige maanden was geschied, kon hij aan den
Raad 10024 goudguldens ter hand stellen. De Hervormer corres-
pondeerde druk met Beza, Viret, Tremellius en andere geleerden,
om hen voor zijne nieuwe stichting te winnen. 2) Hij is de man,
*1) Zie Stähelin, Joh. Calvin. S. 338.
2) Zie Corpus Reformatorum. XLV. p. 98, 310, 476.
Q