HomeDe 'Bede' van dr. A. Kuyper, afgewezen door dr. A. W. BronsveldPagina 31

JPEG (Deze pagina), 811.64 KB

TIFF (Deze pagina), 7.04 MB

PDF (Volledig document), 47.54 MB

29
dat hij een akte bezit; en zie, hier komen eenige mannen bij
elkander, en zeggen tot enkelen in hun midden: Mogen wij U ver-
`, zoeken als hoogleeraar op te treden? Och, men zou het onschul-
dig kunnen noemen en zeggen: de titel zij U gegund! maar de
zaak is zoo onschuldig niet. De titel brengt geen kennis aan, en
menigeen isals hooggeleerde opgetreden, wiens kennis in veel
minder dan in vaten van twee of drie metreten kon geborgen
worden; maar men mag zich geen naam toeëigenen die nu een-
maal niet toekomt. Hoeveel uitmuntende eigenschappen de cura-
toren, zoo cven genoemd, ook bezitten: professoren benoemen is
een taak, hun door een onbevoegde macht opgedragen. Had men
een nieuwe kerk gesticht; ging men zich naast de Christelijke- en
Nederlandsche Gereformeerde kerk plaatsen, en had de wettige ver-
tegenwoordiging dier nieuwe kerk besloten tot de stichting van een
· hoogeschool voor onderwüs: ons was het wèl; maar de Heeren
Hovy, Seefat en hun medcdirecteuren besturen eene vereeniging,
_ voor welke de grondvesting eener universiteit behoort tot de dingen,
waarnaar zij niet mag staan. Wij prijzen dan ook de bescheidenheid ,
der christelijk-gereformeerden, die slechts een theologische school g
hebben gesticht, waaraan zij docenten verbonden, en geen hoogleer-
. aren. Het zou mij zeer aangenaam wezen, indien de vraag: Wie
mag eigenlijk een universiteit stichten? eens grondig werd besproken." ·
Op dit citaat laat Dr. Kuyper volgen: ,,Van deze zinsnêe nu g
vraag ik: schrapping !" j
i De bladzijden, waarin hij deze vraag rechtvaardigt, hebben,
indien ik mij niet bedrieg, op velen den indruk gemaakt, dat mij
wel niets anders overig schoot, dan een ootmoedig peccavt uit te
spreken. Hoe zal ik mg dan ook, volgens Dr. K., hebben vergre-
2 pen! Van hetgeen ik in de hierboven aangehaalde woorden heb
beweerd, heet ,,letterlijk alles fout;" blijft er ,,geen steek l1eel."
; Het is, zoo lees ik, ,,te verward om voor ontleding vatbaar te T
` zijn." ,,In elken regel ," zijn naar het luidt, ,,de rechten der weten- i
schap, zoo wat methode als inhoud aangaat, miskend." I
Geen wonder, dat mij aan het slot van Dr. Kuyper’s studie, ,,de
l
E l