HomeDe 'Bede' van dr. A. Kuyper, afgewezen door dr. A. W. BronsveldPagina 26

JPEG (Deze pagina), 790.23 KB

TIFF (Deze pagina), 7.25 MB

PDF (Volledig document), 47.54 MB

Ice,. ­;:_____,_,;_.¢.,;_,,,,-_ __,_.__,,__,_,,..r.__,_ I., __.:.<­. _ _, .. r-, ça ,. ..1..-,..-; V? f_-*
l
24
menschdoms, inderdaad, die woorden teekenen 1). Maar dit is niet
het geval met Heer. Dat woord verloor zgn e even als sprake,
mensche, en honderden woorden die wij hier zouden kunnen op- die
sommen. Wij hebben u in het kort de geschiedenis van dat weg-
vallen der e doen zien. Het heeft inderdaad niets te maken met l
een minder of meerder gespeend zgn aan ’t geloof in Gods genade. §
Toen dan ook de mannen van het Revett optraden, hebben zij niet i
in het gebruik van Heere hun frisscher en warmer geloof geuit.
Wij mogen hier niet in rekening brengen, dat da Costa in zijn
,,Bezwaren tegen den geest der eeuw" de Statenwertalingaop den I
titel letterlijk naar de oude spelling aanhaalt, (iets, waarin hij dan
ook niet door zijn leermeester en verdediger Bilderdijk nagevolgd
werd) 2); immers behoort ook dat wel tot hetgeen, waarvan de op-
rechte man later in zijn ,,Rekenschap van Gevoelens” zeide 3), dat
hij ,,op vijf-en-veertig-jarigen ouderdom niet meer in alles wilde
verdedigen, wat hij als een vijf­en-twintig-jarig nieuweling gedaan A
en geschreven had." In zijn ,,Israël en de Volken," lm druk bl. 10, ir
lezen wij, ,,God de Heer," op bl. 22, ,,ten dien dage zal de Heer
een altaar hebben" enz.; op de volgende bladzijde komt ,,Heer"
bij een aanhaling uit het O. T. herhaalde malen voor; in de ,,Bi_j­
bellezingen" van da Costa, met zoo veel piëteit door den Heer
i Schimsheimer opgeteekend en voor de pers gereed gemaakt, is het
, aantal keeren, dat ,,Heer" gebruikt wordt, niet te tellen; zou dit
’ het geval zijn, indien da Costa zelf altijd Heere had gezegd? à
i «. Doch zetten we ons getuigenverhoor voort! Als een man van
het Réveil geldt bij uitnemendheid de Heer Groen van Prinsterer.
. In zijn vroegste geschriften (,,Nedertandsche Gedachten, Beschou-
ntngen over Staats- en ootkenregt (1834), De maatregelen tegen
*1) Zie bij Heringa, Kerk. Baadvrager Il, MM, een interessant stuk ,,over het
regt gebruik der Bijbeltaal op den Predikstoel". ,,_
2) Zie ,,De Bezwaren tegen den geest der eeuw" van Mr. Is. da Costa, toegelicht S
door Mr. VVillem Bilderdi_jk" (1823). Ook schrijft B. aldaar: Heer der Heeren.
(Zie bl. 55).
3) Bl. 3.