HomeMijn leesboek voor de volksschool getoetst aan "Een Nederlandsch Belang" van den Heer H. Hemkes KznPagina 31

JPEG (Deze pagina), 954.09 KB

TIFF (Deze pagina), 7.25 MB

PDF (Volledig document), 63.03 MB

..V.,,_ .. ,_,_
S
!
29
i bejegent." Zie Van Dale. -­ De Heer Hemkes beveelt aan: ziet; maar
_ ' hij heeft niet gevoeld, dat het woord het in den datief staat. .
g 69. moest het toch wezen. B IV, 33. - (wezen in de beteekenis van
gebeuren). Vergelijk: Het was in 1882, dat de Heer Hemkes daarop i
* eene aanmerking maakte. Vergelijk ook: ,,Wat het mü zoet zou 4
. geweest zijn uit haren mond het eerst dat: Koning! te hooren; maar
l het kon niet wezen. (Toussaint. Een kroon v. K. d. S., p. 186). ,
70. afteekenen. BIV, 43. Zie het woord in de door mij bedoelde betee­ L
kenis, in het Woordenboek van De Vries c. s., I, kol. 1634. J
71. uit hetlei geslopen. B IV, 41. De jonge baarzen hadden in het j
ei gezeten. Nu worden ze voorgesteld reeds een poosje er naar verlangd j
M te hebben, uit hunne gevangenis verlost te worden. (Toch niet onna­ i
tuurlijk!) Bij de eerste gelegenheid de beste sluipen ze uit het ei. l
72. een einde hebben. AV, 3. Daar staat: ,,Als in het voorjaar de lieve
zuidenwinden waaien, dan heeft de heerschappij van den wintervorst f
een einde." Wat zegt de Heer Hemkes van ,,alle lofzangen hebben een j
einde?" -- Zie Weiland op het woord einde.
73. uit het groen. A V, 3. Daar staat: ,,de krokusjes schoten op uit V
l het groen. Zie Van Dale.
74. opleven (leefden zij op). A V, 4. Daar staat: ,,Evenals de Natuur
j in de lente, leefden ze (de zieken) weer op." Zie Van Dale. l
l 75. keert zich onwillig om. A V, 16. Dit vertaalt deHeerHemkesin .
het Duitsch aldus: kehrte sich unwillig ab. En naast dit Duitsch plaatst
I hij weer: liep kwaad weg. Zie de leesles: ,,nadat de moeder, tegen hem l
j sprekend, alle pogingen heeft aangewend, om Hans van zijne reis te doen ·
1 afzien, keert hij zich onwillig om, d. i. hij draait zijne moeder den
j ‘ rug toe." Is zich omkeeren nu een germanisme? Of onwillig (afkeer
( toonend. Zie Van Dale op onwil)? Geen van beide. ` V
76. is weder daar. A V, 6. Beets: ,,en nauwelijks is de wispelturige
April daar, enz. Op eene andere plaats: ,,de blijde nachtegaal ver-
‘ kondigt ­- dat hij daar is om het lied der lente te zingen." (Camera ‘`”
_' Obscura pag. 226). - Ten Kate: ,,Eindelijk is de grijsheid daar."
,l Bogaers: ,,Die stonde ­- ze is daar·." ' l
I 77. blikken. A V, 15. De Heer Hemkes meent al weer, omdat er in het M
j' Duitsch blicken naast staat, dat blikken een germanisme is. In het f
lesje staat: ,,het was ons zoo wel, haar (onze grootmoeder) in de
K lieve, heldere kijkers te blikken. - Weiland haalt het voorbeeld aan: .
,,het vischje blikt de gouden zon in ’t lichtrijk aangezicht? De Heer
Hemkes zoeke zelf meer voorbeelden. `
l` 78. aangrijpen. A V, 5. Daar staat: ,,(de vos) greep den vleier aan."
Zie Van Dale en Woordenboek van De Vries c. s., I, kol. 155 en het ` S
i motto dezer brochure. 2
‘_ 79. is de zaak zoo geschapen. A V, 32. De Heer Hemkes vertaalt j
dit in het Duitsch: ,,ist die Sache so geschaffen? Een Duitscher zegt
1